Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Afbouwregeling

Onderdeel van Subsidieregeling sportverenigingen Someren 2021

Indien een instelling in enig jaar niet voldoet aan het vereiste van het minimum aantal actieve jeugdleden genoemd in artikel 3, lid 9 wordt de subsidie beperkt tot een bijdrage in de accommodatiekosten, zoals opgenomen in artikel 4, lid 1 onder d, e en f onder voorwaarde dat: de instelling een gemeentelijke sportaccommodatie in gebruik heeft; en de instelling prestatieve competitie speelt in de betreffende tak van sport. Indien aan de voorwaarden genoemd in het eerste lid is voldaan en het een instelling betreft die in de gelegenheid is gesteld een kantine te exploiteren of te laten exploiteren, blijft de korting conform artikel 4, lid 1 onder g van toepassing. Indien een instelling niet voldoet aan het vereiste van het minimum aantal actieve jeugdleden genoemd in artikel 3, lid 9 en de instelling niet voldoet aan de voorwaarden genoemd in het eerste lid, onder a en b van dit artikel is de volgende afbouwregeling van toepassing: in het eerste jaar is de subsidie gelijk aan het aan de hand van artikel 4 berekende bedrag; bij een ongewijzigde situatie bedraagt de subsidie in het tweede en derde jaar respectievelijk 50% en 25% van het voor het eerste jaar vastgestelde subsidie. Vanaf het vierde jaar vervalt de subsidie. Zodra een instelling weer voldoet aan het vereiste minimumaantal actieve jeugdleden komt de instelling weer in aanmerking voor het volledige subsidiebedrag dat wordt berekend op grond van artikel 4. In bijzondere gevallen kan het college van het bepaalde in het derde lid ontheffing verlenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel