Naar hoofdinhoud
Bij het opsporen en ruimen van niet-gesprongen OO is de openbare orde en veiligheid het bepalende uitgangspunt. De burgemeester is op grond van artikel 172 van de Gemeentewet belast met de handhaving daarvan. Aan hem staan daartoe diverse bevoegdheden ter beschikking, waaronder het geven van noodbevelen en het vaststellen van een noodverordening. De beslissing om in een concrete situatie al dan niet over te gaan tot het opsporen en ruimen van OO is dus de bevoegdheid van de burgemeester. Er geldt overigens geen verplichting om over te gaan tot opsporing en ruiming, dit hangt af van het concrete geval. Dit wordt beoordeeld in relatie tot het huidige en toekomstige gebruik van het gebied.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel