OO zijn gemaakt voor oorlogsdoeleinden. Over de risico’s van OO uit WOII - die al ruim 75 jaar in de bodem liggen - is niet veel te zeggen. Het is aannemelijk dat de explosiviteit is afgenomen terwijl de werking minder voorspelbaar kan zijn geworden. Daarom is het van belang wanneer er sprake is van voorgenomen grond- en/of baggerwerkzaamheden op een (uitbreidings)locatie waar mogelijk OO in de bodem zijn achtergebleven een explosievenonderzoek uit te laten voeren.
Er kunnen op hoofdlijnen twee aanleidingen zijn voor het uitvoeren een vooronderzoek naar en vervolgens het zo nodig opsporen en ruimen van OO:
Spontane vondst van OO, bijvoorbeeld door een boer tijdens het bewerken van het land of tijdens het graven bij bouwwerkzaamheden;
Het vermoeden dat in een bepaald gebied OO in de (water)bodem zitten, meestal in combinatie met bijvoorbeeld bouwplannen in dat gebied. In dat geval wordt er altijd gestart met een vooronderzoek, zo nodig gevolgd door de opsporing en ruiming van OO. Het verrichten van vroegtijdig vooronderzoek is zowel van belang voor de veiligheid, maar ook om te voorkomen dat op een later moment grote vertraging in bijvoorbeeld bouwprojecten optreedt.
Werkwijze spontane vondst
De spontane vondst van een OO moet worden gemeld bij de politie. De politie, in de functie van Explosieven Verkenner (EV) of Teamleider Explosieven en Veiligheid (TEV), besluit afhankelijk van de situatie ter plaatse of de Explosieven Opruiming Dienst Defensie (EODD) gewaarschuwd moet worden. Als vastgesteld is dat het om een OO gaat wordt altijd contact opgenomen met de EODD. De EODD bepaalt op basis van de gegevens van de TEV of ze direct ter plaatste komen of op een later moment ter plaatste komen. De EODD bepaalt op basis van onderzoek ter plaatse welke maatregelen er worden genomen en zal dat vervolgens afstemmen met de burgemeester (of rechtstreeks met de adviseur Veiligheid) en de politie. Indien nodig wordt het explosief tot ontploffing gebracht, een gecontroleerde vernietiging. Bij een gecontroleerde vernietiging wordt altijd de adviseur Veiligheid van de gemeente in kennis gesteld door de politie.
Werkwijze vooronderzoek en projectplan (bij vermoeden)
Conform de Beoordelingsrichtlijn “Opsporen van conventionele explosieven” (BRL-OOO) wordt de gemeente op wiens grondgebied de werkzaamheden uitgevoerd worden, schriftelijk geïnformeerd door het OO opsporingsbedrijf. Een van te voren opgesteld projectplan moet aantoonbaar goedgekeurd zijn door de opdrachtgever en de betreffende gemeente. Goedkeuring van de gemeente dient plaats te vinden door of namens de verantwoordelijke voor openbare orde en veiligheid. Dat is de burgemeester en bij diens afwezigheid de teammanager Veiligheid Toezicht en Handhaving. Het bevoegd gezag wordt in deze taken ondersteund door de adviseur Veiligheid van het team Veiligheid Toezicht en Handhaving. Zij dragen er zorg voor dat er goed wordt gecommuniceerd over het projectplan en de werkzaamheden, zo wordt de politie altijd in kennis gesteld van het projectplan. Ook hebben zij contact met de projectleider van de explosieven opruiming van het betrokken gecertificeerde opsporingsbedrijf.
Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten: VOMES-OOO
In het Veilig Omgaan Met Explosieve Stoffen "Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten" (VOMES-OOO) staan de eisen waaraan een bedrijf moet voldoen om gecertificeerd te kunnen worden voor het opsporen van OO. Door de grote gevaren voor veiligheid en gezondheid bij het opsporen van OO van de betrokken werknemers en andere personen, is in het Arbobesluit voorgeschreven dat deze werkzaamheden alleen door VOMES-OOO gecertificeerde bedrijven mogen worden uitgevoerd.
Opsporingsproces
Het opsporingsproces wordt door een gecertificeerd bedrijf uitgevoerd en bestaat uit:
detecteren (vaststellen van (mogelijke) aanwezigheid van OO met behulp van detectieapparatuur);
lokaliseren (het 3-dimensionaal vastleggen van de plaats van het OO op basis van de meetwaarden);
laagsgewijs ontgraven (door middel van een beveiligde graafmachine wordt het OO blootgelegd);
identificeren (vaststellen of het om een OO gaat en vervolgens om wat voor soort OO);
informeren van de politie en EODD als het daadwerkelijk om een OO gaat;
tijdelijk veiligstellen van de situatie (geen handelingen aan het explosief zelf, de tijd tot de overdracht aan de EODD;
de overdracht aan de EODD (indien de werkzaamheden worden uitgevoerd door een gecertificeerd bedrijf zorgt de Senior OOO-deskundige voor de overdracht);
proces-verbaal van oplevering aan de opdrachtgever en het bevoegde gezag.
De ruiming en vernietiging van de OO wordt gecoördineerd door de Senior OOO-deskundige van het gecertificeerde bedrijf. Het bevoegd gezag of een vertegenwoordiger en de politie worden daarvan op de hoogte gesteld.
Artikel 4