De inwoner kan op ieder moment een aanvraag voor jeugdhulp indienen. De inwoner kan een aanvraag voor Wmo hulp-op-maat indienen nadat het onderzoek naar de melding is afgerond. Of in de 6 weken na de melding, als het onderzoek dan nog niet is afgerond.
De aanvraag kan ingediend worden door het verslag van het onderzoek te ondertekenen en terug te sturen.
De aanvraag kan ook digitaal of schriftelijk worden ingediend.
2.3.1 Beoordelen aanvraag [Jeugdwet, Wmo, Awb]
Bij het beoordelen van de aanvraag neemt de gemeente alle gegevens mee die van belang zijn. Het gaat onder meer om gegevens over:
de behoeften van de inwoner;
de (on)mogelijkheden van de inwoner;
de persoonlijke situatie van de inwoner;
de mogelijkheden van het sociale netwerk, andere organisaties en de gemeente.
Om te bepalen of de gemeente hulp verleent, volgt de gemeente de volgende stappen:
Stap 1: De gemeente stelt eerst samen met de inwoner vast wat de hulpvraag van de inwoner is.
Stap 2: De gemeente stelt hierna vast welke problemen/ omstandigheden er precies zijn die hulp nodig maken.
Stap 3: De gemeente bepaalt welke hulp nodig is en hoe veel.
Stap 4: De gemeente onderzoekt wat de inwoner zelf kan doen om de problemen op te lossen (op eigen kracht), al dan niet met hulp uit het sociale netwerk en van andere voorzieningen of organisaties.
Stap 5: De gemeente bepaalt welke (aanvullende) hulp nodig is om het probleem op te lossen en om te bereiken wat de inwoner wil bereiken.
Voor iedere stap geldt, dat de gemeente de deskundigheid inzet die nodig is om de stap goed te kunnen afronden. Is er bijzondere deskundigheid/ kennis nodig, dan zet de gemeente die in. De gemeente vertelt de inwoner welke deskundigheid er op welk moment nodig is en ingezet wordt.
2.3.2 Voorwaarden hulp op maat
Vraagt de inwoner hulp op maat, dan gelden in ieder geval de volgende voorwaarden:
De voorziening is noodzakelijk om (één van) de doelen van de in 1.1 genoemde wetten te bereiken;
De inwoner heeft onvoldoende mogelijkheden om het gewenste effect op eigen kracht te bereiken. Hij kan dit effect ook onvoldoende bereiken met algemeen gebruikelijke voorzieningen of met de gebruikelijke hulp van huisgenoten, met hulp vanuit het sociale netwerk of met hulp van andere organisaties als bijvoorbeeld; vrijwilligersinzet of de maaltijdvoorziening.
De voorziening past bij wat de inwoner wil bereiken en de persoonlijke situatie van de inwoner.
De hulp op maat voorziening is voldoende in inzet en van kwaliteit, zodat de inwoner het gewenste resultaat kan bereiken.
De hulp op maat is niet luxer of duurder dan nodig is en duurt niet langer dan nodig is.
De gemeente kan hulp-op-maat weigeren als de inwoner de hulpvraag had kunnen voorzien en kunnen voorkomen.
2.3.3 Advisering [Jeugdwet, Wmo,]
De gemeente zorgt ervoor dat de medewerker die een melding of aanvraag behandelt de deskundigheid heeft die nodig is om deze melding of aanvraag goed te kunnen behandelen. Als de medewerker die deskundigheid niet heeft, zorgt de gemeente ervoor dat iemand die wel deskundig is een advies uitbrengt. Dit advies (deskundig oordeel) neemt de gemeente mee bij de beoordeling van de aanvraag.
2.3.4 Beslistermijn [Jeugdwet, Wmo]
De gemeente neemt zo snel mogelijk een beslissing over de aangevraagde ondersteuning, nadat de aanvraag is ontvangen. De wettelijke beslistermijn voor een aanvraag voor jeugdhulp is 8 weken. De wettelijke beslistermijn voor een aanvraag voor Wmo-hulp-op maat is 2 weken.
De beslissing kan langer op zich laten wachten als de inwoner niet voldoende gegevens heeft verstrekt of als er andere omstandigheden zijn waardoor de gemeente niet de mogelijkheid heeft snel een beslissing te nemen. Hierover wordt de betreffende inwoner altijd op de hoogte gesteld.
Stap 4. Beslissing
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.3