Na de subsidieverlening dient de houder, in aanvulling op artikel 9 van de ASV, te voldoen aan de navolgende verplichtingen:
Houder werkt mee aan de uitvoering van het gemeentelijk beleid met betrekking tot de ontwikkeling van jonge kinderen.
Houder streeft naar een eenduidige pedagogische visie in afstemming met de basisschool cq scholen waar de peuters naar doorstromen.
Houder verleent doelgroeppeuters VVE voorrang bij de plaatsing van peuters op beschikbaar gekomen peuterplaatsen.
Houder streeft naar inclusieve groepen, dat wil zeggen: groepen waarbij sprake is van een mix aan doelgroep- en niet-doelgroeppeuters. Houder streeft daarom naar een maximale deelname van 40% doelgroeppeuters VVE per groep. Bij (kortdurende) afwijkingen op dit maximum volgt overleg met de opdrachtgever
Indien een doelgroeppeuter VVE niet geplaatst kan worden spant de houder zich in voor een reëel alternatief binnen de eigen organisatie of in samenspraak met een collega-organisatie.
Houder past een door het College vastgestelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage toe voor die ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag.
Houder verschaft op verzoek informatie aan de gemeente, de GGD, de Inspectie van het Onderwijs, het Ministerie van Onderwijs of aan andere door het college aangewezen instanties.
Houder voldoet aan alle relevante wettelijke voorschriften die buiten deze regels van toepassing zijn.
Hoofdstuk 3
Artikel 11