Indien de inwoner en zijn sociale omgeving geen mogelijkheid heeft om de locatie van de groepsbegeleiding/ groepsbehandeling te bereiken kan er een indicatie voor Vervoer worden toegekend. Het college bepaalt wanneer vervoer onderdeel uitmaakt van de Ondersteuning. Wanneer een inwoner in staat is met het openbaar vervoer te reizen (eventueel na oefenen onder begeleiding) of met de fiets of een ander vervoermiddel zelfstandig (of onder begeleiding van mantelzorg of vrijwilliger, indien beschikbaar) de dagbesteding kan bereiken dan is dat uiteraard voorliggend. Wanneer dit niet mogelijk is, zal vervoer van en naar de dagbesteding worden geïndiceerd. Vervoer wordt geïndiceerd per etmaal (dag). Vervoer naar dagbesteding met gebruik van de Wmo- pas is niet toegestaan. Er kan per voorziening een opslag toegekend worden voor individueel vervoer (bijvoorbeeld in verband met beperking en/of gedragsproblemen) of rolstoelvervoer.