Tijdens de bouwfase van deze projecten zijn een aantal nieuwe seinen geplaatst. Daarnaast zijn er enkele seinen die om onbekende reden niet eerder zijn opgenomen.
Sein
Afbeelding
Omschrijving
Betekenis
Aandachtspunten
Y1
Zie W1
Seinen W1 t/m W4 zijn gecombineerd in één lamp, in deze situatie is er voor elk aspect een eigen lamp
Y2
Zie W2
Seinen W1 t/m W4 zijn gecombineerd in één lamp, in deze situatie is er voor elk aspect een eigen lamp
Y3
Zie W3
Seinen W1 t/m W4 zijn gecombineerd in één lamp, in deze situatie is er voor elk aspect een eigen lamp
Y4
Zie Z4
De behuizing is de vervanger van alle aspecten van seinen Z4, Z5 en Z6
Y5
Zie Z5
De behuizing is de vervanger van alle aspecten van seinen Z4, Z5 en Z6
Y6
a. Vast, zie Z6a
De behuizing is de vervanger van alle aspecten van seinen Z4, Z5 en Z6
b. Knipperend, zie Z6b
De behuizing is de vervanger van alle aspecten van seinen Z4, Z5 en Z6
Y7
Een knipperende gele driehoek.
Indicatie voor de bus-/trambestuurder dat de Tramwaarschuwingslichten voor het overige verkeer zijn geactiveerd.
Y8
Groen licht
Spanningsindicatie werkplaats:
voorbij dit punt geen spanning op de bovenleiding. Verboden te passeren met pantograaf omhoog.
De keuze voor groen voor deze situatie: het is veilig om te werken, spanningsloos
Y9
Rood licht
Spanningsindicatie werkplaats:
Voorbij dit punt wel spanning op de bovenleiding. Passeren met pantograaf omhoog is toegestaan
Y10
Geen rijweg
Een horizontale streep gevormd door blauw licht
Indicatie deuren werkplaats:
Stoppen vóór het sein
Y11
Rijweg
Een verticale streep, gevormd door blauw licht
Indicatie deuren werkplaats:
Voorbijrijden toegestaan met inachtneming van de plaatselijk geldende snelheid.
Y12
Knipperende balk
De oranje balk gaat knipperen zodra de tram nadert.
Eerder opgenomen in de Bedieninstructie Infra, artikel 54, 73 en 75
Wit licht
Na het indrukken van de haltevertrekknop door de trambestuurder verschijnt de witte lamp, die aangeeft dat het verderop
liggende OVO het sein OV-1 zal tonen.
Eerder opgenomen in de Bedieninstructie Infra, artikel 54, 73 en 75
Y13
Gecombineerd sein met aspecten voor een oranje balk en een OVO-sein.
Bij het naderen van de tram wordt OV-5 getoond.
Eerder opgenomen in de Bedieninstructie Infra, artikel 55, 56, 71, 72 en 74
Gecombineerd sein met aspecten voor een oranje balk en een OVO-sein.
Na het indrukken van de halte-vertrekknop of bij nadering van de tram knippert de oranje balk die aangeeft dat de VRI de vertrekaanvraag voorbereidt. OV-1 wordt getoond zodra de tram mag oprijden.
Eerder opgenomen in de Bedieninstructie Infra, artikel 55, 56, 71, 72 en 74
B10
Pantograaf neer
Een ruitvormig blauw bord met een wit-zwarte rand en een horizontale witte balk.
Dit bord markeert het punt waar de bestuurder de pantograaf ‘neer’ moet bedienen.
B11
Einde looppad
Een rechthoekig wit bord met een blauw golfpatroon
Dit bord markeert het einde van het looppad en is laag geplaatst
Geldt voor alle functionarissen
Artikel 5.
Nieuw geplaatst tijdens projecten Uithoflijn, SUNIJ-lijn, NTR
Onderdeel van Tramseinreglement provincie Utrecht