Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Drempelbedrag/Eigen bijdrage

Onderdeel van Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Leidschendam–Voorburg 2015

Basis in de Verordening leerlingenvervoer gemeente Leidschendam – Voorburg (artikel 14 en 15): “1.Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs, zoals bedoeld in de Wet op het primair onderwijs bezoekt, van wie het inkomen tezamen meer bedraagt dan € 24.300,- wordt slechts bekostiging verstrekt voor zover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 10 bepaalde afstand te boven gaan. 2.In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 10 bepaalde afstand, indien het inkomen van de ouders meer bedraagt dan € 24.300,-. 3.De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die bij gebruik van de OV-chipkaart of een andere binnen de gemeente geldende OV-betaalmogelijkheid voor de in artikel 10 bepaalde afstand redelijkerwijs zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het daadwerkelijk gebruik ervan. Bij het bepalen van de kosten wordt rekening gehouden met de kortingen die voor de leerling binnen het systeem kunnen gelden. 4.Het bedrag van € 24.300,- genoemd in het eerste en tweede lid, wordt met ingang van 1 januari 2014 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 450,-. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van € 24.300,-. 5.Deze bepaling is niet van toepassing op leerlingen die wegens hun structurele lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen, dan wel vanwege een zodanige handicap niet zelfstandig van openbaar vervoer gebruik kunnen maken. “1.Indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor basisonderwijs (zoals bedoeld in de Wet op het primair onderwijs) meer dan 20 km bedraagt, wordt de vastgestelde bekostiging verminderd met een van de financiële draagkracht van de ouders afhankelijk bedrag. 2.In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, en de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor basisonderwijs meer dan 20 km bedraagt, betalen de ouders een van de financiële draagkracht afhankelijke bijdrage tot ten hoogste het bedrag van de kosten van het vervoer. 3.De hoogte van het bedrag als bedoeld in het eerste lid en de bijdrage als bedoeld in het tweede lid worden berekend per gezin en zijn afhankelijk van de hoogte van het inkomen van de ouders. 4.De inkomensbedragen, genoemd in het derde lid, worden met ingang van 1 januari 2014 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van 1 januari van het voorafgaande jaar, en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 500,-. 5.De bedragen van de eigen bijdrage, bedoeld in het derde lid, worden met ingang van 1 januari 2014 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het consumentenprijsindexcijfer van de reeks alle huishoudens op het onderdeel vervoersdiensten heeft ondergaan ten opzichte van 1 januari van het voorafgaande jaar, en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 5,-. 6.Deze bepaling is niet van toepassing op leerlingen die wegens hun structurele lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen, dan wel vanwege een zodanige handicap niet zelfstandig van openbaar vervoer gebruik kunnen maken”. Beleidsregel: IB60 formulier = inkomensverklaring Indien het inkomen van de ouders minder bedraagt dan € 24.300,- moeten de ouders dit aan tonen door het overleggen van een IB60 formulier van de belastingdienst. Dit geldt ook als de partner van een ouder niet de andere ouder van het kind is of ouders/verzorgers gescheiden zijn. Verlegging peiljaar Het peiljaar voor de eigen bijdrage in het leerlingenvervoer (twee jaar voor 1 juni) kan worden verlegd, als het inkomen van de ouders/verzorgers in de periode tussen het peiljaar en het jaar van de aanvraag structureel (met 15 % procent of meer) is gedaald. Dit kan op grond van artikel 23: Afwijken van bepalingen, van de verordening. Verlegging van het peiljaar kan alleen toegepast worden voor het begin van het schooljaar. Tijdens het schooljaar wordt het peiljaar niet meer verlegd. Eigen bijdrage De gemeente kan op twee manieren een vergoeding vragen voor leerlingenvervoer. Vragen van een drempelbedrag (artikel 14 van de verordening) Met het drempelbedrag worden ouders/verzorgers verantwoordelijk voor een bepaald deel van de kosten van het vervoer. Het bedrag wordt per leerling in rekening gebracht. De ouderlijke bijdrage is gekoppeld en wordt betaald tot aan de kilometergrens van 6 km. Doelgroep: Leerlingen die een school voor basisonderwijs bezoeken Leerlingen die een speciale school voor basisonderwijs bezoeken Inkomensafhankelijk bijdrage (artikel 15 van de verordening) Een inkomensafhankelijk bijdrage is bedoeld voor ouders/verzorgers van wie de kinderen een school voor basisonderwijs bezoeken en waarvan de school ten minste 20 kilometer van de woning ligt. Dit wordt bepaald aan de hand van de routeplanner op www.routenet.nl. De inkomensafhankelijke bijdrage wordt per gezin geheven en kan alleen bij het reguliere basisonderwijs (op basis van levens of geloofsovertuiging) worden gevraagd). Het drempelbedrag en de inkomensafhankelijk bijdrage kunnen naast elkaar worden geheven en kunnen in termijnen worden betaald. Ligt het verzamelinkomen van de ouders/verzorgers onder de € 24.300, dan hoeft geen drempelbedrag te worden betaald. Het drempelbedrag wordt jaarlijks geïndexeerd. (Brom)fietsvergoeding Als een (brom)fietsvergoeding wordt verstrekt dan wordt geen drempelbedrag toegepast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel