Als belanghebbende een uitkering ontvangt, bedraagt de aflossingsverplichting vijf procent van de van toepassing zijnde bijstandsnorm per maand inclusief vakantietoeslag, dan wel de van toepassing zijnde grondslag als bedoeld in artikel 5 van de IOAW en IOAZ per maand inclusief vakantietoeslag, waarbij rekening wordt gehouden met de wettelijke beslagvrije voet van 95 procent.
Bij beslaglegging wordt de beslagvolgorde, zoals vastgelegd in de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet, aangehouden.
In geval van beslaglegging door een andere schuldeiser dan het college, wordt de aflossingsverplichting conform van de volgorde van beslaglegging zoals is vastgelegd in de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet.
Hoofdstuk 3
Artikel 10
Vaststelling van de hoogte van de maandelijkse aflossingscapaciteit bij belanghebbenden met een uitkering
Onderdeel van Beleidsregels Terug- en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ Gooise Meren 2021