• - De gemeenschappelijke regeling kan slechts worden opgeheven, indien dit door een wijziging van artikel 8 jo. artikel 9 van de Wet veiligheidsregio´s mogelijk wordt. Opheffing geschiedt in dat geval bij daartoe strekkende besluiten van twee derde van de colleges van de deelnemende gemeenten.
  • - Ingeval van opheffing van de gemeenschappelijke regeling besluit het Algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor een liquidatieplan vast. Daarbij kan van de bepalingen van deze regeling worden afgeweken.
  • - Het liquidatieplan wordt door het Algemeen bestuur, nadat de raden van de deelnemende gemeenten hun zienswijze hebben kunnen inbrengen, vastgesteld.
  • - Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de beëindiging heeft voor het personeel.
  • - Het liquidatieplan geeft regels voor de wijze waarop de gemeenten, voor zover het saldo ontoereikend is, zorg dragen voor de nakoming van de verplichtingen van de veiligheidsregio.
  • - Het Dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie.
  • - Het definitieve afwikkelingsvoorstel voor de liquidatie en de bijbehorende vereffening naar de deelnemers (inclusief accountantsverklaring) wordt door het Algemeen bestuur op voordracht van het Dagelijks bestuur vastgesteld.
  • - De organen van de veiligheidsregio blijven ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie volledig is voltooid.