Naar hoofdinhoud
In dit besluit wordt verstaan onder: Oordeel: de eindconclusie van de bestuursrechtelijke beoordeling door de burgemeester of betrokkene voldoet aan de norm van het niet in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. Slecht levensgedrag: de norm als bedoeld in ten minste artikel 8, eerste lid, sub b Drank- en Horecawet (DHW) en artikelen 3:9 aanhef, onder i (leidinggevenden horeca), 3:43, eerste lid, sub a (beheerders seksinrichting of escortbedrijf), 3:49 aanhef, onder c, 3:50, tweede lid en 3:51 onder a (ondermijningsartikel) van de Algemene Plaatselijke Verordening Heerlen . Betrokkene: de exploitant, leidinggevende of beheerder van een openbare inrichting die op grond van wet- en regelgeving naar het oordeel van de burgemeester niet in enig opzicht van slecht levensgedrag mag zijn. Vergunning: een aangevraagde of verleende vergunning, waaronder ook verstaan de ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet, als ten minste bedoeld in artikel 3 Drank- en Horecawetvergunning (DHW) en artikelen 3:4 APV (horeca-exploitatievergunning), 3:33 APV (seksinrichting of escortbedrijf) of 3:48 APV (aangewezen bedrijfsactiviteit). Feit: een verdenking of ernstig vermoeden van betrokkenheid bij een strafbaar feit, een nog in procedure zijnde strafrechtelijke vervolging en/of een (al dan niet onherroepelijke) strafrechtelijke veroordeling. Onder “feit” wordt ook verstaan: sepots, uitgezonderd sepotgronden 01 (ten onrechte als verdachte vermeld), 05 (feit niet strafbaar), 06 (dader niet strafbaar) en 09 (rechtmatige geweldsaanwending door een (politie)ambtenaar). Veroordeling: een hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, onder a, van het Wetboek van Strafrecht, hieraan wordt gelijkgesteld een betaling van een geldsom als bedoeld in artikel 74, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht of artikel 76, derde lid, onder a, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij de geldsom € 375 of minder bedraagt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel