1. Het commissielidmaatschap eindigt:
a. met het einde van de zittingsperiode van de raad
b. als niet meer wordt voldaan aan de eisen, zoals opgenomen in artikel 48, lid 5 van deze verordening (m.u.v. art. 15 van de wet);
c. als de raad een commissielid ontslaat. Dit gebeurt op voordracht van de fractie die het commissielid heeft voorgedragen voor benoeming of op voordracht van de voorzitter van de raad;
d. als het commissielid ontslag neemt. Een commissielid kan dit te allen tijde doen door hiervan schriftelijk mededeling te doen aan de voorzitter van de raad. Het ontslag gaat direct in, tenzij het betreffende commissielid een andere datum van ontslag heeft vermeld in de mededeling. In dat geval geldt de vermelde datum als ontslagdatum;
e. bij overlijden van het commissielid.
f. als de fractie die een commissielid heeft voorgedragen voor benoeming niet langer vertegenwoordigd is in de raad.
g. als de raad heeft besloten een commissielid toe te laten als lid van de raad.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.2
Artikel 49
Zittingsduur commissieleden
Onderdeel van Verordening Reglement van orde voor vergaderingen en overige werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2021