De ondersteunende activiteiten vallen binnen de volgende resultaatsgebieden:
Ondersteunen bij en opbouwen van een sociaal netwerk;
Ondersteunen van de thuisadministratie;
Ondersteuning bij dagbesteding/ arbeidsparticipatie;
Ondersteuning bij zelfzorg;
Persoonlijk functioneren;
Mantelzorgondersteuning.
Ad 1. Resultaatgebied: ondersteuning bij en het opbouwen van sociaal netwerk
Cliënt heeft een gezond sociaal netwerk en vervult daarbinnen een passende sociale rol
Cliënt is in staat een beroep te doen op personen in zijn/haar sociaal netwerk
Cliënt kan eigen problematiek in relatie tot het sociale netwerk hanteren
Bij bemoeizorg: Cliënt staat open voor opbouw van een sociaal netwerk
Toelichting: Bij bemoeizorg en geïsoleerde cliënt zonder een sociaal netwerk is het resultaat ‘Cliënt heeft een gezond sociaal netwerk’ een brug te ver. Het gaat hier om het opbouwen van een sociaal netwerk met als achterliggende doelstelling Inwoners uit isolement of uit ‘verkeerde/foute sociale omgeving’ te halen. Bij bemoeizorg is op die wijze afname van overlast en hanteerbaar gedrag beoogd.
Ad 2: Resultaatgebied: Ondersteunen van de thuisadministratie
Overzicht van de administratie/administratie op orde
Tijdige betaling van rekeningen
Inkomsten en uitgaven in balans
Indien aanwezig beheersbaar maken van de schuldenproblematiek (en indien mogelijk in relatie tot de inkomsten: vermindering van de schuldenlast)
Ad 3: Resultaatgebied: Ondersteuning bij arbeidsparticipatie/ dagbesteding
Cliënt heeft een zinvolle (verplichte) dagbesteding
Cliënt heeft onbetaald werk met ondersteuning
Cliënt heeft onbetaald werk zonder ondersteuning
Cliënt heeft betaald werk met ondersteuning
Cliënt heeft betaald werk zonder ondersteuning
Cliënt is niet overbelast
Ad 4: Resultaatgebied: Ondersteuning bij zelfzorg
Cliënt is in staat zichzelf te verzorgen
Cliënt draagt schone kleding
Cliënt ziet er verzorgd uit
Cliënt komt afspraken met zorgprofessionals (zoals huisarts, tandarts, medisch specialist) na
Ad 5. Persoonlijk functioneren
Cliënt brengt structuur aan en voert regie over de dagelijkse bezigheden, regelt zelf en neemt besluiten, plant en voert taken uit,
Cliënt accepteert zijn beperkingen en kan hiermee omgaan
Cliënt maakt gebruik van het eigen probleemoplossend vermogen
Bij bemoeizorg: Cliënt is trouw aan behandeling.
Ad 6. Mantelzorgondersteuning
Mantelzorger is niet overbelast.
Aan de hand van de geïnventariseerde problematiek stelt de klantmanager samen met de cliënt de doelen per resultaatsgebied vast. Deze doelen worden zo concreet mogelijk verwerkt in het onderzoeksrapport, zodat de zorgaanbieder voldoende handvaten heeft om een zorgplan op te stellen. Wanneer er sprake is van multiproblematiek biedt dit een handvat om in overleg met de cliënt prioriteiten te stellen qua resultaten. Op deze wijze wordt de Gemeente in staat gesteld om het zorgplan te beoordelen en evaluatiemoment(en) met de cliënt en zorgaanbieder af te spreken, kortom regie te houden op de geboden ondersteuning.
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.3