Naar hoofdinhoud
1.. Het opgraven van stoffelijke overschotten en het ruimen van graven is slechts toegestaan, indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast. 2.. De bij de ruiming van een graf aanwezige overblijfselen van stoffelijke overschotten en/of asbussen worden respectievelijk begraven en verstrooid op daartoe aangewezen gedeelten van de begraafplaats. 3.. De gebruiker van een algemeen graf kan gedurende een periode van één jaar voor beëindiging van de grafrechttermijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij de ruiming de overblijfselen te verzamelen voor herbegraving elders of te cremeren. Hiervoor dient de burgemeester verlof te verstrekken.

Rechtspraak bij dit artikel