Als gemeente kunnen we niet voorkomen dat inwoners in situaties terecht komen waarin ze het even niet meer weten, dat ze (tijdelijk) kwetsbaar zijn en er zelf niet meer uitkomen. Denk aan thema’s als dementie, eenzaamheid, verslaving, leven met een beperking, mantelzorg of omgaan met huiselijk geweld. Thema’s die een aantal overeenkomsten hebben:
Het zijn life events, dat wil zeggen dat het gebeurtenissen zijn die veel impact hebben op het leven van de mensen wie het aan gaat;
Het zijn taboe-onderwerpen, die zo langzamerhand bespreekbaar worden;
Er is vaak sprake van isolement, extra moeite moeten doen voor verbinding met anderen;
Er is sprake van (een zekere mate van) acceptatie door individu, omgeving en samenleving;
Er is uitzicht op een zelfredzaam leven: bewustwording, informatie en preventie zijn de eerste drie laagdrempelige interventies die in al deze thema’s terugkomen en tegelijkertijd moeilijk zijn, geduld vragen en taai zijn.
Zelfredzaam leven
In Altena willen we ons sterk maken voor een zelfredzaam leven. Als we de individuele leefeenheid7Alleenwonende, stel, kerngezin, driegeneratie gezin met kangoeroe woning etc., of met andere woorden het individu in haar of zijn directe sociale leefomgeving. (die een beperking heeft, dementerend is etc.) centraal stellen dan kunnen we in de benadering onderscheid maken in:
Contact, verbinding, het gesprek, inzicht in eigen situatie, taal kunnen geven;
Bewustwording van lotgenoten en de mogelijkheid van ontmoeting;
Praktische informatie en hulp; ook gebruikelijke hulp door familie, buren en dorpsgenoten;
Deelname aan het dorps-, verenigings- en kerkelijk leven.
Verbondenheid en samenredzaamheid
Bovenstaande rollen worden vervuld door familie, buren, dorpsgenoten en (georganiseerde) vrijwilligers: de sociale basis. Met het centraal stellen van deze sociale basis vestigen we de aandacht op de positieve maatschappelijke effecten van verbondenheid en samenredzaamheid. We zorgen hiermee namelijk voor meer inwoners die:
zich fysiek, mentaal en emotioneel gezond voelen (positieve gezondheid);
het heft in eigen handen nemen om vorm te geven aan hun leven (eigen regie);
sociaal en betrokken zijn en een bijdrage willen leveren in de gemeenschap.
Vroegsignaleren, samenredzaam en collectief ondersteunen
Niemand leeft op zichzelf. We hebben vaak een ander nodig voor een boodschap, een klusje en soms alleen maar een praatje. Het is niet voor iedereen vanzelfsprekend om een medemens hiervoor te benaderen. We zetten dan ook in op vroegsignalering om vraagverlegenheid te voorkomen. Alle partijen in het vrij toegankelijke veld hebben hier een rol in. Zij zijn de extra ogen en oren in wijken, buurten en kernen, zodat hulpvragen aan de gemeente worden voorkomen of vroegtijdig worden gesignaleerd om erger te voorkomen.
Ondersteuning en hulp wordt bij voorkeur ‘in het normale leven’ gegeven, door buren, lotgenoten of vrijwilligers. Professionals vanuit maatschappelijke organisaties faciliteren en voegen expertise, een netwerk en ervaring toe. We noemen dat versterken van de samenredzaamheid. Professionals geven voorlichting, advies en helpen (burger)initiatieven, verenigingen en kernen met het organiseren van ondersteuning en ontmoeting. Collectieve ondersteuning, voorlichting en trainingen hebben daarbij de voorkeur boven individuele trajecten, zodat inwoners elkaar ontmoeten en elkaars netwerk versterken. We vinden het dan ook belangrijk dat er wordt ingezet op vroegsignaleren, samenredzaamheid en collectieve ondersteuning.
Als collectieve ondersteuning niet passend is, wordt probleemoplossend gewerkt door middel van individuele ondersteuning.
Vier uitvoeringsvoorwaarden
In het kader van de subsidieverstrekking is bovenstaande vertaald naar vier uitvoeringsvoorwaarden. Bij de beoordeling van de subsidieaanvragen wordt beoordeeld in welke mate de voorgestelde activiteiten bijdragen aan deze uitvoeringsvoorwaarden:
Vroegsignaleren: de activiteiten moeten passend zijn bij de vraag en behoefte van de inwoner van Altena. Subsidieaanvragers maken gebruik van de kracht van de samenleving. We vinden het belangrijk dat er verbindingen ontstaan met bestaande infrastructuren en logische ‘vindplekken’ van doelgroepen. Denk aan het verenigingsleven, sport en kerkgenootschappen. Ook bij het gebruik van ruimtes sluit de subsidieaanvrager aan bij waar mensen al komen en werken. De subsidieaanvrager kent dan ook de weg in Altena en de mogelijkheden voor (door)verwijzen naar brede maatschappelijke voorzieningen, voorzieningen vanuit andere maatschappelijke opgaven, toeleiden naar de integrale toegang tot hulp en ondersteuning OnS Altena;
Samenredzaamheid: subsidieaanvrager werkt aan het vergroten van de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie van inwoners. Zet zich in voor het versterken van de eigen kracht en versterken van het informele sociale netwerk: laagdrempelige toegang, zonder indicatie, geen wachttijd. Wat ons betreft gaat collectieve ondersteuning in het vrij toegankelijke veld voor op individuele ondersteuning. Bij collectieve ondersteuning kan herkenning in elkaar ontstaan en het ‘samen leren’ biedt voor deelnemers ontwikkeling in herstel. Ook kan een cursussen leiden tot een zelfhulpgroep, waarin inwoners elkaar verder ondersteunen of het verbinden van een ‘krachtige’ inwoner met een ‘kwetsbare’ inwoners in de vorm van buddy’s of maatjes. In het plan van aanpak moet zijn beschreven hoe de aanbieder gaat bijdragen aan het versterken van de samenredzaamheid;
Samenwerking: de subsidieaanvrager voert zijn activiteiten samen met andere partners uit en pakt deze integraal op. De subsidieaanvrager werkt domein-overstijgend samen met partners, zoals de samenwerking tussen de formele en informele zorg of een publieke-private samenwerking. De subsidieaanvragers die samenwerken, nemen samen een signalerende rol op zich, zodat de kwetsbare inwoners tijdig en op de juiste manier worden ondersteund. In het plan van aanpak bij de aanvraag moet beschreven zijn hoe de samenwerking eruit ziet, wat de rollen zijn en met wie de subsidieontvanger samenwerkt bij het uitvoeren van zijn activiteiten.
Een inclusieve en toegankelijke samenleving: iedereen moet in Altena zichzelf kunnen zijn en kunnen meedoen in de maatschappij, ongeacht achtergrond, godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, nationaliteit, geaardheid, beperking en burgerlijke staat. Gemeente Altena wil dat meer inwoners zichzelf kunnen zijn en zich sociaal geaccepteerd voelen. In het kader van het VN-verdrag over rechten van mensen met een beperking vragen we om er voor te zorgen dat mensen met een beperking op voet van gelijkheid met anderen kunnen meedoen aan de samenleving (sociale toegankelijkheid). In het plan van aanpak bij de aanvraag moet beschreven zijn hoe de subsidieaanvrager sociale acceptatie borgt bij het uitvoeren van activiteiten. De subsidieaanvrager geeft aan hoe er rekening wordt gehouden met digitale en fysieke toegankelijkheid bij de uitvoering van activiteiten.
Artikel 5.