In aanvulling op artikel 1.1, tweede lid, van deze beleidsregels wordt deze paragraaf verstaan onder:
bijstand: algemene bijstand zoals bedoeld in artikel 5, onder b, van de PW;
BW: Burgerlijk Wetboek;
geldlening: een geldlening als bedoeld in artikel 50, tweede lid, van de PW;
krediethypotheek: een te vestigen zekerheidsrecht in de vorm van een hypotheek indien bijstand in de vorm van een geldlening wordt verleend;
pandrecht: het recht van pand op roerende zaken, bedoeld in artikel 3:227 BW;
registergoed: een goed als bedoeld in artikel 3:10 BW;
woning: het woonhuis, woonschip of de woonwagen welke door belanghebbende en zijn gezin wordt bewoond en waarvan hij eigenaar is.
De regels die in deze paragraaf zijn opgenomen over het vestigen van een hypotheek worden op vergelijkbare wijze toegepast ten aanzien van het vestigen van een pandrecht.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 4
Artikel 3.8
Aanvullende begripsbepalingen
Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en aanverwante regelingen 2021 gemeente Voorst