Naar hoofdinhoud
Het gaat om cliënten die voor het dagelijks zittend verplaatsen zijn aangewezen op een rolstoel. Hierbij betreft het verplaatsingen in en om de woning en om verplaatsingen die direct vanuit de woning worden gedaan. Vanuit de Zvw worden rolstoelen verstrekt voor beperkte (<26 weken) of onzekere duur. Als een cliënt vanuit een situatie van revalidatie is aangewezen op een rolstoel, dan zal hiervoor veelal een beroep kunnen worden gedaan op de Zvw. Als er noodzaak bestaat voor een rolstoel voor dagelijks zittend gebruik, zal, zo nodig via een medisch of ergonomisch advies, een programma van eisen worden opgesteld voor de rolstoel en de daarvoor noodzakelijke aanpassingen en accessoires. Deze uitgangspunten bij de selectie van een rolstoel zijn ook van toepassing op kinderrolstoelen. Daarbij geldt in nog hogere mate dan voor rolstoelen voor volwassenen dat de selectie zorgvuldig moet gebeuren. Omdat kinderen groeien is het aan te bevelen de rolstoel zodanig te selecteren dat deze niet jaarlijks vervangen hoeft te worden. Onder rolstoelvoorzieningen voor kinderen vallen ook buggy’s en wandelwagens (aangepast) en zitondersteuningselementen. Rekening houden met mantelzorgers Er wordt ook rekening gehouden met de belangen van mantelzorgers. Als de mantelzorger bijvoorbeeld niet in staat is de rolstoel te duwen, zal gekeken worden naar alternatieven om het hier bedoelde resultaat te bereiken. Beroep op Wlz Voor cliënten die in een Wlz-instelling verblijven wordt de rolstoel verstrekt vanuit de Wlz.

Rechtspraak bij dit artikel