Naar hoofdinhoud
De waarnemingen zijn ruimtelijk verdeeld over het grondgebied van de provincie Utrecht (zie figuur 6). Figuur 6: Situering waarnemingspunten PFAS Voor de aangepaste deelgebieden is op stofgroepniveau geanalyseerd of er een ruimtelijke clustering aanwezig is van hoge of lage gehalten. Hiervan is sprake bij een variatiecoëfficiënt hoger dan 2. Het overzicht van de variatiecoëfficiënten is opgenomen in tabel 5. Hieruit blijkt dat voor PFAS Overig en PFOS in de ondergrond de variatiecoëfficiënt de waarde van 2 overschrijdt. Dit wordt veroorzaakt door enkele relatief hoge waarden. De locaties waar de relatief hoge waarden zijn vastgesteld vertonen binnen het deelgebied geen ruimtelijke clustering en geven daarom geen aanleiding tot splitsing van deelgebieden. Tabel 5. Variatiecoëfficiënt per deelgebied Deelgebied Variatiecoëf-ficiënt Bovengrond (0,0 - 0,5 m-mv) PFOA Hoog 0,57 PFOA Midden 0,64 PFOA Laag 0,91 PFOS 1,40 PFAS overig 5,25 Ondergrond (0,5 - 2,0 m-mv) PFOA Hoog 1,03 PFOA Laag 1,06 PFOS 2,31 PFAS overig 1,43

Rechtspraak bij dit artikel