Een parkeernorm is een getal dat aangeeft hoeveel auto- en fietsparkeerplaatsen benodigd zijn per 100 vierkante meter of per eenheid. Op basis van de functies die worden gerealiseerd, met de bijbehorende parkeernormen, wordt een parkeerbalans opgesteld. In een parkeerbalans wordt ook rekening gehouden met gecombineerd gebruik van parkeerplaatsen (dubbelgebruik).
Uit de parkeerbalans volgt een parkeerbehoefte. Deze behoefte dient op enige wijze te worden gefaciliteerd. Op hoofdlijnen kunnen hiervoor drie capaciteitsvormen worden aangewend. Het parkeren op afstand is een variant op deze drie vormen.
Parkeren in private parkeervoorzieningen;
Parkeren op eigen terrein;
Parkeren in openbare parkeervoorzieningen (in de openbare ruimte of in openbare parkeergarages).
De parkeereis is in feite het resultaat van de parkeerbalans, in combinatie met de capaciteits-vormen (ook in aantallen) waarmee de parkeerbehoefte wordt gefaciliteerd. Een voorbeeld van een parkeereis is opgenomen in het onderstaande kader.
De parkeereis
Parkeerbehoefte: 50 parkeerplaatsen
Capaciteitsvormen:
Parkeren op eigen terrein: 20 parkeerplaatsen
Parkeren in private voorzieningen: 20 parkeerplaatsen
Parkeren in openbare parkeervoorzieningen: 10 parkeerplaatsen
Hoofdstuk 2
Artikel 2.1
De parkeernorm, parkeerbalans en de parkeereis
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Breda houdende regels omtrent de normen aan auto- en fietsparkeerplaatsen