Naar hoofdinhoud
In de onderstaande figuur wordt het toepassingskader schematisch weergegeven. Dit schema wordt in deze paragraaf nader toegelicht. In het schema wordt een onderscheid gemaakt tussen parkeervraag en parkeeraanbod. De vertaalslag van de parkeernorm naar de parkeereis is een berekening die in principe door de initiatiefnemer zelf wordt uitgevoerd. De parkeerbalans, het samengevatte resultaat van de uitgevoerde berekeningen, wordt ter bespreking en ter toetsing voorgelegd aan de gemeente. Vrijstelling voor kleinschalige ontwikkelingen In kleinschalige ontwikkelingen (uitbreidingen van bestaande gebouwen, woningsplitsing etc.) is het over het algemeen lastig om aan de parkeereis te voldoen. Kleinschalige ontwikkelingen zijn om deze reden in beginsel vrijgesteld van de verplichting om te voldoen aan de parkeereis. Deze vrijstelling geldt alleen bij ontwikkelingen waarvan de normatieve parkeerbehoefte, na saldering, maximaal 4 parkeerplaatsen bedraagt. De vrijstelling is niet van toepassing op ontwikkelingen die worden ‘opgeknipt’ in kleinere delen met als doel om in aanmerking te komen voor deze vrijstelling. Wanneer in kleinschalige ontwikkelingen geen parkeerplaatsen worden aangelegd zijn parkeerders logischerwijs aangewezen op bestaande parkeerplaatsen. Dit betekent dat de ontwikkeling leidt tot een verhoging van de parkeerdruk in de openbare ruimte. Om te voorkomen dat dit leidt tot parkeeroverlast, is de vrijstelling voor kleinschalige ontwikkelingen afhankelijk van de hoogte van de bestaande parkeerdruk. Hiervoor geldt (net als voor stap 6 van dit toepassingskader) dat de parkeerdruk in de eindsituatie niet hoger mag zijn dan 85%. Dit betekent dat inzicht nodig is in de parkeerdruk om de vrijstelling voor kleinschalige ontwikkelingen te kunnen verlenen. De initiatiefnemer verricht dit onderzoek. Parkeren Op Eigen Terrein (POET) In de weergave van het toeppassingskader staat de term POET genoemd. POET is een afkorting voor Parkeren Op Eigen Terrein. Een voorbeeld van POET is een parkeergarage, garagebox of een oprit. Parkeerplaatsen op eigen terrein worden in de praktijk niet altijd gebruikt voor het parkeren van de auto. Garages worden gebruikt voor het parkeren van een aanhanger of de oprit wordt bij de tuin betrokken. De huisadressen waarvoor in ruimtelijke ontwikkelingen parkeerplaatsen op eigen terrein worden aangelegd, worden opgenomen in het zogeheten POET overzicht. Dit betekent dat deze adressen niet in aanmerking komen voor een basisparkeervergunning voor de eerste auto. Uitgangspunt is dat de eerste auto op eigen terrein wordt geparkeerd. Adressen met deze zogenoemde POET verplichting kunnen wel een of meerdere jaarvergunningen voor de tweede of verdere auto aanvragen. In gebieden zonder parkeerregulering hanteert Breda omrekenfactoren voor verschillende soorten parkeerplaatsen op eigen terrein. Deze omrekenfactoren (zie onderstaande tabel) geven een indicatie over het daadwerkelijke gebruik van POET. Parkeervoorziening Theoretisch aantal Berekeningsaantal Opmerking Enkele oprit zonder garage 1 0,8 Oprit minimaal 4,75 meter diep Lange oprit zonder garage of carport 2 1,0 Oprit minimaal 10,0 meter diep Dubbele oprit zonder garage 2 1,7 Oprit minimaal 5,0 meter breed Garage zonder oprit (bij woning) 1 0,6 Garagebox (niet bij woning) 1 0,7 Garage met enkele oprit 2 1,2 Oprit minimaal 5,0 meter diep Garage met lange oprit 3 1,5 Garage met dubbele oprit 3 2,0 Oprit minimaal 5,0 meter breed Maximale loopafstanden In bijlage 6 is een tabel opgenomen met loopafstanden per gebied. De opgenomen afstanden zijn richtlijnen en staan voor de maximale loopafstand tussen het bestemmingsadres en de parkeerplaats. De afstanden worden gegeven voor de functies wonen, werken en overig.

Rechtspraak bij dit artikel