Naar hoofdinhoud
Vanaf het moment dat kinderen de basisschool bezoeken is in principe het onderwijs aan zet: zij zorgen nu voor de leerontwikkeling van het kind. Iedere school doet dat vanuit eigen onderwijskundig oogpunt met oog voor het kind en in breder perspectief van wat nodig is in de buurt/wijk. Scholen hebben met elkaar de opdracht om voor alle kinderen een passende plek te bieden (passend onderwijs). Naast de reguliere onderwijsmiddelen ontvangen scholen voor kinderen met een (risico op een) achterstand ook extra middelen. Deze zetten zij in om die kinderen extra te ondersteunen, bijvoorbeeld door middel van extra onderwijsassistenten. Het is aan elke school zelf om te bepalen welke wijze het best bij hen past. In Vijfheerenlanden ontvangen 16 van 33 scholen extra middelen van het Rijk om achterstanden te bestrijden. De omvang van die middelen verschilt en wordt bepaald op basis van een zogenaamde achterstandsscore. Het plaatje voor Vijfheerenlanden ziet er als volgt uit: De scholen die niet in bovenstaand overzicht zijn opgenomen hebben een achterstandsscore van 0 en krijgen geen extra middelen van het Rijk. De gemeente kan zorgdragen voor aanbod dat niet door de scholen zelf kan worden georganiseerd. Op dit moment betekent dat dat we de Taaltuin in Leerdam financieren en zorgdragen voor onderwijs aan asielzoekers en nieuwkomers. De Taaltuin is een voorziening voor kinderen uit groep 2 en 3 die een dusdanige taalachterstand hebben dat ze niet meekomen in de klas. Zij krijgen 2 dagdelen per week intensief taalles in kleine groepen. Voor kinderen van asielzoekers en nieuwkomers (korter dan 2 jaar in Nederland) zijn er speciale schakelklassen. Deze zijn regionaal georganiseerd in Gorinchem en Nieuwegein.

Rechtspraak bij dit artikel