1.. Definitie: elke activiteit in het kader van een gestructureerde leersituatie die is gericht op het ontwikkelen of vergroten van kennis en/of vaardigheden van de belanghebbende.

2.. Doel: het bijbrengen van kennis, vaardigheden of het behalen van een startkwalificatie die de arbeidsinschakeling van belanghebbende mogelijk maakt.

3.. Doelgroep: de belanghebbende, bij wie het college of diens (potentiële) werkgever, heeft vastgesteld dat scholing noodzakelijk is, omdat arbeidsinschakeling van belanghebbende vanwege ontbrekende kennis of vaardigheden niet direct mogelijk is.

4.. Nadere voorwaarden:

  • - het college biedt de scholing slechts aan als:
    • - deze verband houdt met een baangarantie; of
    • - de scholing gezien de arbeidsmarktsituatie een significante vergroting vormt van de kans op een baan; of
    • - deze deel uitmaakt van een arrangement dat het college heeft gesloten met een werkgever; of
    • - het college daartoe op grond van de wet is gehouden.
  • - de bepaling zoals opgenomen onder artikel 3, zevende lid, van de Verzamelverordening is op deze voorziening van toepassing;
  • - de scholing is beroepsgericht en het betreft het goedkoopste en meest adequate alternatief;
  • - de kosten staan in verhouding met de 'opbrengsten' die gepaard gaan met de beoogde uitkeringsafhankelijkheid van de belanghebbende.

5.. Gronden voor beëindiging: het gestelde in artikel 5 van de Verzamelverordening is onverkort van toepassing.