De status en informatie over de (potentieel) verontreinigde locaties zijn momenteel geregistreerd bij zowel de provincie Zuid-Holland (DCMR) als bij de gemeenten. Het informatieniveau bij de provincie en de gemeenten is echter niet gelijk. Om te komen tot een één-locatielijst (alle locaties waarover informatie bekend is over mogelijke bodemverontreiniging of het ontbreken ervan)’ worden de gegevens van de gemeenten en de provincie Zuid Holland digitaal gesynchroniseerd.

Belangrijke landelijke aanleidingen voor het ontsluiten en synchroniseren van locatiegebonden bodemgegevens zijn:

  • - De jaarlijkse monitoring van de bodemsanering
  • - Het vormen van het landsdekkend beeld bodemverontreiniging
  • - Het uitvoeren van het Bodemconvenant (opstellen spoedlijsten)
  • - Het goed kunnen sturen op beleidsdoelen
  • - Het geven van een zo volledig mogelijk inzicht in bodeminformatie aan derden (burgers, makelaars etc.)
  • - Het digitale loket voor bodemdata: http://dcmr.gisinternet.nl/ en www.bodemloket.nl.

12.3.1 Geautomatiseerde uitwisseling

De basis voor de synchronisatie wordt gevormd door een eenduidige één-locatielijst die door middel van periodieke uitwisseling tussen gemeente en provincie actueel en volledig wordt gehouden.

Uitgangspunt bij de synchronisatie moet zijn dat alle informatie in de één-locatielijst voldoet aan het SIKB-protocol 0101. Door het LIB (Landelijk Informatiebeheer Bodem) is een minimale dataset opgesteld waarin alle velden zijn opgenomen die nodig zijn in het kader van de rapportage Monitoring Bodemsanering, ontsluiting van bodeminformatie via Bodemloket.nl en het verkrijgen en onderhouden van een Landsdekkend Beeld bodemverontreiniging (LDB). Deze zogenaamde LIB-dataset vormt de basis van de informatie-uitwisseling tussen provincie en gemeente.

12.3.2 Frequentie van uitwisseling

De uitwisseling van bodeminformatie tussen de provincie (DCMR) en de gemeente zal vier keer per jaar plaatsvinden, conform vastgesteld uitwisselingsprotocol.