Naar hoofdinhoud
Soms is sluiting niet voldoende en zijn aanvullende maatregelen nodig om de leefbaarheid, de openbare orde, de veiligheid of de gezondheid rond het gebouw, erf of terrein te herstellen. De mogelijkheid bestaat een pand, erf of terrein na sluiting (versneld) in gebruik te (laten) nemen. Zo kunnen hierdoor bijvoorbeeld leefbaarheidsproblemen als gevolg van langdurige leegstand worden voorkomen. Artikel 13b van de Woningwet (Wet Victor) maakt het mogelijk het beheer van een pand over te nemen of van de eigenaar te eisen dat het in beheer wordt genomen door een ander. Het besluit tot beheer wordt genomen door het college van burgemeester en wethouders. Het college is bevoegd om de eigenaar te verplichten om het beheer te geven aan het bevoegd gezag, aan een persoon die uit hoofde van beroep of bedrijf op het terrein van de huisvesting werkzaam is, of aan een op dat terrein werkzame instelling, dan wel in gebruik te geven aan een andere persoon dan degene die als gevolg van een sluiting het gebruik van het gebouw, open erf of terrein heeft moeten staken. Er kunnen voorwaarden gesteld worden aan dit besluit, zoals het geschikt maken voor bewoning. Een praktisch punt hierbij is dat de burgemeester de zorgplicht draagt voor de bewoners van het gesloten pand. Indien de belangen van minderjarige kinderen in het geding zijn, dient met name te worden overwogen of er geen alternatieve woonruimte is. Het college kan met bestuursdwang of een last onder dwangsom zorgen dat het besluit inzake het over laten nemen van het beheer en gebruik, wordt nageleefd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel