Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.5.

Vergroten van de oppervlakte bedrijfsgebouwen binnen de hoofdfuncties Bedrijf, Detailhandel, Dienstverlening, Horeca, Kantoor, Maatschappelijk, Recreatie of Sport (2-5)

Onderdeel van Beleidsregel van de gemeenteraad van de gemeente Doetinchem houdende regels omtrent het landelijk gebied (Planologisch kader voor het landelijk gebied - 2021)

In de beheersverordening is de bestaande oppervlakte van bedrijfsgebouwen vastgelegd. Daarbij is veelal een uitbreiding van 10 % mogelijk binnen de regels van de beheersverordening. Het is mogelijk om de bestaande oppervlakte van bedrijfsgebouwen nogmaals met maximaal 15 % uit te breiden. 1 Rekenvoorbeeld: Bestaande oppervlakte bedrijfsgebouwen is 500 m2. Binnen regels beheersverordening mag men bij recht 10% uitbreiden. Dus is 550 m2 toegestaan. Met mogelijkheden in dit planologisch kader kan vergroot worden tot 632,5 m2. Dit kan alleen voor bedrijfsgebouwen die in de beheersverordening de volgende hoofdfunctie hebben: Bedrijf, Detailhandel, Dienstverlening, Horeca, Kantoor, Maatschappelijk, Recreatie en Sport. Deze uitbreiding kan alleen toegestaan worden als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: De vergroting nodig is voor een doelmatige bedrijfsvoering. Dit moet in een bedrijfsplan onderbouwd worden. Een ter zake deskundige zal dit bedrijfsplan hierop beoordelen. De te bouwen bedrijfsgebouwen binnen het vlak met de hoofdfunctie gesitueerd zijn. Er is aangetoond dat door de verandering van het bouwvlak de omgeving niet zodanig veranderd dat deze door die impact ongewenst is. Op het erf of de omgeving van het bedrijf gezorgd wordt voor een goede landschappelijke inpassing. Dit inpassingsplan moet voldoen aan wat in Bijlage B, Bijlage C en Bijlage D staat. Een inpassingsplan is niet nodig als de locatie en omgeving al voldoet aan de eisen van bijlagen B, C en D. Dit kan bijvoorbeeld vanwege al aanwezige beplanting op en rond het terrein. Dit is ter beoordeling van een deskundige op het gebied van landschap. Door de uitbreiding van de bedrijfsgebouwen aangrenzende bedrijven, gronden en bouwwerken niet zodanig belemmerd worden dat het gebruik daarvan in het gedrang komt. De logistieke afwikkeling van de bedrijfsactiviteiten op het eigen terrein, binnen het vlak met de hoofdfunctie, blijft plaats vinden. Gebruikers en bezoekers van het bedrijf op het eigen terrein, binnen het vlak met de hoofdfunctie, kunnen parkeren. Het bouwplan verder voldoet aan de bouwregels die gelden in de beheersverordening. De vergroting mag niet leiden tot een strijdigheid met de Wet natuurbescherming.

Rechtspraak bij dit artikel