Het wijzigen van de bestaande hoofdfunctie naar ‘Wonen’ is mogelijk.
Dit kan alleen toegestaan worden als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
Binnen de bestaande hoofdfunctie is minimaal één bedrijfswoning aanwezig.
Vaststaat dat de bedrijfsvoering van de bestaande hoofdfunctie vóór terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan is of wordt beëindigd.
Als voor de bestaande hoofdfunctie een omgevingsvergunning activiteit milieu of een melding Activiteitenbesluit milieu aanwezig is, dan moet dit ingetrokken worden vóór terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan.
Alleen bestaande woningen de bestemming ‘Wonen’ zullen krijgen.
Door de verandering naar de bestemming ‘Wonen’ aangrenzende bedrijven, gronden en bouwwerken niet zodanig belemmerd worden dat het gebruik daarvan in het gedrang komt.
Er is aangetoond dat door de wijziging naar de bestemming ‘Wonen’ de omgeving niet zodanig veranderd dat deze door die impact ongewenst is.
Er is aangetoond dat sprake is van economische uitvoerbaarheid van de verandering.
In het op te stellen bestemmingsplan worden het volgende verwerkt:
Het vlak met de hoofdfunctie c.q. het agrarisch bouwvlak maakt in zijn geheel onderdeel uit van het bestemmingsplan en deze hoofdfunctie c.q. dit agrarische bouwvlak komt te vervallen.
Voor de bestaande woning(en) zullen in het bestemmingsplan de bouw- en gebruiksregels gaan gelden die regulier voor woningen in het landelijk gebied gehanteerd worden. Deze zijn vergelijkbaar met de regels in de beheersverordening ‘Landelijk gebied - 2020’ voor de hoofdfunctie ‘Wonen’.
De vorm van het bestemmingsvlak ‘Wonen’ voldoet aan de volgende uitgangspunten:
Het bestemmingsvlak ligt, met een maat van maximaal 30 meter uit de gevels van de bestaande, oorspronkelijke woning, rondom de woning.
Daar waar het perceel deze afmetingen niet toelaat, het perceel is bijvoorbeeld smaller, houdt het bestemmingsvlak de perceelgrenzen aan. Deze afstand zorgt dat de clustering van gebouwen op het perceel gehandhaafd blijft.
In het onderstaande een voorbeeld van de vormgeving van een bestemmingsvlak bij een ruim perceel.
In het onderstaande een voorbeeld van de vormgeving van een bestemmingsvlak bij een klein perceel. Hier zijn de perceelgrenzen de maatgevende factor.
De gronden die buiten het nieuwe bestemmingsvlak ‘Wonen’ komen te liggen en in de beheersverordening voorzien zijn van de hoofdfunctie of het agrarische bouwvlak, krijgen de bestemming die aansluit op de om de locatie liggende bestemming. Dit zal in de meeste gevallen de bestemming ‘Agrarisch’ of ‘Agrarisch met waarden’ zijn.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.11.