In deze paragraaf worden de keuzes van het Gebiedsspecifieke beleid die gelden voor bepaalde zones toegelicht. Per zone is de heersende bodemkwaliteit aangegeven. De ligging van de zones die in IJsselstein onderscheiden worden, is aangegeven op de Bodemzoneringskaart (zie bijlage 4A van deze Nota). In paragraaf 4.2.2 is voor de vier bodemkwaliteitszones beschreven welke deelgebieden deze zones omvatten.
Voor de volgende zones zijn voor het toepassen van grond Gebiedsspecifieke beleidsregels door de gemeente vastgesteld. Het eerste getal geeft de bestaande bodemkwaliteit aan van de bovengrond, het tweede getal van de ondergrond. De kwaliteitsniveaus zijn: 1 = klasse Landbouw/Natuur, 2 = klasse Wonen en 3 = klasse Industrie:
Zone Bebouwing 1/1: om het toepassen van klasse Wonen-grond, zowel in de boven- als in de ondergrond, mogelijk te maken;
Zone Bebouwing 2/1: om het toepassen van klasse Wonen-grond in de ondergrond mogelijk te maken;
Zone Bebouwing 3/3: om hergebruik van grond binnen deze zone mogelijk te maken en om het toepassen van klasse Industrie-grond, op bedrijfs- en industrieterreinen in deze zone, te kunnen verbieden;
Zone Buitengebied 1/1: om hergebruik van gebiedseigen grond in de bovengrond mogelijk te maken.
5.5.1Zone Bebouwing 1/1
Deze zone omvat o.a. de volgende gebieden:
Vrijwel alle deelgebieden met woonwijken en bedrijfsterreinen die na 1960 nieuw zijn aangelegd.
Bodemkwaliteit in deze zone
Tabel 11: Aanduiding heersende bodemkwaliteit in deze zone
Voor deze zone wordt zowel de boven- als de ondergrond ingedeeld in de bodem- kwaliteitsklasse Landbouw/Natuur. Dat houdt in dat de bodem van deze zone op relatief onbelast is met bodemverontreinigende stoffen. 12 afgezien van PFOA. Hier is apart PFAS-beleid voor opgesteld in regionaal verband. Zie onder het Stappenschema grondverzet in par. 6.3
Kwaliteitseisen voor toe te passen grond in deze zone
Grond afkomstig uit het “Bodembeheergebied IJsselstein”:
De gemeente IJsselstein kiest ervoor om door het vaststellen van Gebiedsspecifiek beleid voor grond die afkomstig is uit het “Bodembeheergebied IJsselstein”, het toepassen van klasse Wonen-grond, zowel in de boven – als in de ondergrond van deze zone mogelijk te maken. Zie par. 5.2 voor een overzicht van gemeenten die binnen dit bodembeheergebied vallen.
Voorwaarde is dat de toe te passen grond voldoet aan de niet zone-gerelateerde Gebiedsspecifieke eisen die in paragraaf 5.4. beschreven zijn. De Gebiedsspecifieke toepassingseisen zijn de onderstaande tabel visueel gemaakt.
Tabel 12: Gebiedsspecifieke toepassingseisen voor deze zone
*) de toepassingseisen zijn gebaseerd op de bodemfunctieklasse van de zone
Grond afkomstig van buiten het “Bodembeheergebied IJsselstein ”:
Grond die afkomstig is van buiten het “Bodembeheergebied IJsselstein” moet voldoen aan de toepassingseis uit het Generieke kader van het Besluit bodemkwaliteit. Dat betekent dat er zowel in de boven- als in de ondergrond alleen klasse L/N-grond toegepast mag worden, omdat de heersende bodemkwaliteit in dit geval leidend is bij de toetsing of de toepassing is toegestaan. De Generieke toepassingseisen zijn in de onderstaande tabel visueel gemaakt.
Tabel 13: Generieke toepassingseisen voor deze zone
*) in het Generieke beleid is in dit geval de bodemkwaliteitsklasse van de zone leidend voor de geldende toepassingseis (als resultaat van de dubbele toets)
5.5.2Zone Bebouwing 2/1
Deze zone omvat o.a. de volgende gebieden:
Woonwijken uit de periode 1940-1960;
Lintbebouwing langs de Achtersloot en de Hogebiezendijk;
Bedrijfsterrein langs de Zomerdijk, gedeeltelijk recent getransformeerd tot woonwijk;
Deelgebieden in de omgeving van de Groene Dijk.
Bodemkwaliteit in deze zone
Tabel 14: Aanduiding heersende bodemkwaliteit in deze zone
Voor deze zone wordt de bovengrond ingedeeld in bodemkwaliteitsklasse Wonen en de ondergrond is in bodemkwaliteitsklasse “Landbouw/Natuur”.
Kwaliteitseisen voor toe te passen grond in deze zone
Grond afkomstig uit het “Bodembeheergebied IJsselstein”:
De gemeente IJsselstein kiest ervoor om door het vaststellen van Gebiedsspecifiek beleid voor grond die afkomstig is uit het “Bodembeheergebied IJsselstein”, het toepassen van klasse Wonen-grond in de ondergrond van deze zone mogelijk te maken. Zie par. 5.2 voor een overzicht van gemeenten die binnen dit bodembeheergebied vallen. Voorwaarde is dat de toe te passen grond voldoet aan de niet zone-gerelateerde Gebiedsspecifieke eisen die in paragraaf
5.4. beschreven zijn. De Gebiedsspecifieke toepassingseisen zijn de onderstaande tabel visueel gemaakt.
Tabel 15: Toepassingseisen voor deze zone
*) de toepassingseis is gebaseerd op de bodemfunctieklasse van de zone
Grond afkomstig van buiten het “Bodembeheergebied IJsselstein ”:
Grond die afkomstig is van buiten het “Bodembeheergebied IJsselstein” moet voldoen aan de toepassingseis uit het Generieke kader van het Besluit bodemkwaliteit. Dat betekent dat er in de bovengrond klasse Wonen-grond toegepast mag worden, maar in de ondergrond alleen klasse L/N-grond, omdat de heersende bodemkwaliteit in dit geval leidend is bij de toetsing of de toepassing is toegestaan. Dit is in de onderstaande tabel visueel gemaakt.
Tabel 16: Generieke toepassingseisen voor deze zone
*) in het Generieke beleid is in dit geval de bodemkwaliteitsklasse van de ondergrondzone leidend voor de geldende toepassingseis (als resultaat van de dubbele toets)
5.5.3Zone Bebouwing 3/3
Deze zone omvat vrijwel alle deelgebieden met vooroorlogse bebouwing, inclusief oude vooroorlogse fabrieksterreinen die inmiddels recent zijn getransformeerd tot woonwijk.
Bodemkwaliteit in deze zone
Tabel 17: Aanduiding heersende bodemkwaliteit in deze zone
Voor deze zone wordt zowel de bovengrond als de ondergrond ingedeeld in bodemkwaliteitsklasse Industrie.
Kwaliteitseisen voor toe te passen grond in deze zone
Deze zone bestaat uit gebieden die een bodemkwaliteit kennen die eigenlijk niet past bij de hoofdfunctie van deze zone (Wonen). Dat geldt zowel voor de boven- als voor de ondergrond. Het wordt daarom niet wenselijk geacht om voor het toepassen van grond aan te sluiten bij de heersende bodemkwaliteit. Daarom gelden voor het toepassen van grond in deze zone, zowel voor de boven- als voor de ondergrond de toepassingseisen uit het Generieke kader. Dit is in de onderstaande tabel visueel gemaakt.
Tabel 18: Generieke toepassingseisen voor deze zone
*) de toepassingseis is gebaseerd op de hoofdbodemfunctieklasse van de zone
Hergebruik van vrijkomende grond:
De gemiddelde bodemkwaliteit van deze zone past niet bij de hoofdfunctie van deze zone (Wonen). Dit heeft als consequenties dat grond die in deze zone vrijkomende grond, niet zondermeer in deze zone kan worden hergebruikt. De gemeente IJsselstein kiest ervoor om door het vaststellen van een Gebiedsspecifieke beleidsregel hergebruik van grond in deze zone beperkt mogelijk te maken.
Deze Gebiedsspecifieke beleidsregels houdt het volgende in:
Grond die binnen deze zone vrijkomende grond, mag binnen deze zone hergebruikt worden als aan de volgende voorwaarden voldaan is:
De grond moet onderzocht zijn in een verkennend bodemonderzoek of een partijkeuringsrapport dat niet ouder is dan 3 jaar en uitgevoerd is conform de daarvoor geldende regels en richtlijnen;
De ontgraving moet vooraf gemeld zijn. Zie par. 8.2.3;
De gehalten van alle onderzochte stoffen liggen onder de 80 percentielwaarde (P80) van deze zone (zie bijlage 3 van deze Nota) én liggen tevens voor alle onderzochte stoffen onder de humane risico-index van 1 (zie Risico Tool Box bodem (RTB) [Lit. 4]));
De toe te passen grond voldoet aan de overige Gebiedsspecifieke eisen zoals beschreven in paragraaf 5.4 van deze Nota. Met name worden genoemd: par. 5.4.1 (hoeveelheid bodemvreemd materiaal) en par. 5.4.2 (toepassing op gevoelige functies).
Als de uit deze zone vrijkomende grond niet aan alle bovengenoemde voorwaarden voldoet, is alleen toepassing onder duurzaam aaneengesloten verhardingen of funderingen toegestaan binnen deze zone, mits er geen sprake is van ernstig verontreinigde grond, de toe te passen grond geen stoffen bevat die uit kunnen logen naar het grondwater én de toepassing plaats vindt boven de grondwaterspiegel.
5.5.4Zone Buitengebied 1/1
Zone Buitengebied 1/1 omvat alle gebieden buiten de bebouwde kom, exclusief de gebieden die op de Bodemfunctieklassenkaart ingedeeld zijn in de bodemfunctieklasse Wonen, zoals bijv. lintbebouwingen. In het buitengebied komen ook percelen voor met een andere (minder gevoeligere) bodemfunctie dan landbouw/natuur (bijv. woon- of bedrijfspercelen). Die percelen zijn echter, om praktische redenen, niet allemaal afzonderlijk ingetekend op de Bodemfunctie- klassenkaart. Zie par. 6.3, onder stap 3 hoe hier praktisch mee omgegaan kan worden
Bodemkwaliteit in deze zone
Tabel 19: Aanduiding heersende bodemkwaliteit in deze zone
Deze zone wordt ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse “Landbouw/Natuur”. Dit betekent dat dit gebied relatief onbelast is.
Kwaliteitseisen voor toe te passen grond in deze zone
In deze zone wordt de algemene bodemkwaliteit (dat is de bodemkwaliteit op onverdachte plekken) in de bovengrond en in de ondergrond, als klasse Landbouw/Natuur gekwalificeerd. Dit is de kwaliteit die het beste aansluit bij de hoofdfunctie van deze zone (Landbouw/Natuur). Het wordt niet wenselijk geacht om de heersende kwaliteit van deze zone te verslechteren. Daarom gelden voor het toepassen van grond in deze zone, zowel voor de boven- als voor de ondergrond de toepassingseisen uit het Generieke kader. Dit is in de onderstaande tabel visueel gemaakt.
Tabel 20: Generieke toepassingseisen voor deze zone
*) de toepassingseis is gebaseerd op de hoofdbodemfunctieklasse van de zone
Hergebruik van vrijkomende grond:
Binnen het Generieke kader is het toegestaan om grond, die uit de bovengrond van deze zone vrijkomt, binnen deze zone her te gebruiken met de Ontgravingskaart als bewijsmiddel. Een eventueel uitgevoerde partijkeuring staat als bewijsmiddel voor het toepassen van grond, in hiërarchie boven de Ontgravingskaart. Als uit een reeds uitgevoerde partijkeuring, of een uitgevoerd verkennend bodemonderzoek gebleken is dat de grond niet helemaal schoon is (en daardoor als klasse Wonen-grond aangemerkt moet worden), mag deze grond binnen het Generieke kader dan ook niet binnen deze zone hergebruikt kunnen worden. De toepassingseis in deze zone is immers klasse L/N-grond. IJsselstein kiest ervoor om middels het vaststellen van een Gebiedsspecifieke beleidsregel hergebruik van gebiedseigen grond, onder de gestelde voorwaarden, mogelijk te maken.
Klasse Wonen-grond levert in de meeste gevallen, geen risico’s op binnen de bodemfunctie Landbouw/Natuur. Om te voorkomen dat een partij licht verontreinigde gebiedseigen grond, die op basis van een partijkeuring in kwaliteitsklasse Wonen ingedeeld moet worden, om deze reden wordt afgekeurd voor hergebruik binnen deze zone, kiest IJsselstein ervoor om grondverzet van gebiedseigen grond binnen deze zone mogelijk te maken door hiervoor een Gebiedsspecifieke beleidsregel vast te stellen.
Deze Gebiedsspecifieke beleidsregels houdt het volgende in:
Hergebruik van gebiedseigen klasse Wonen-grond grond binnen deze zone, is mogelijk als aan de volgende voorwaarden voldaan wordt:
Er is een partijkeuring of een bodemonderzoek uitgevoerd conform de daarvoor geldende regels en richtlijnen;
Uit toetsing van de resultaten blijkt dat de gemeten gehalten voor alle onderzochte stoffen onder de 80 percentielwaarde (P80) van de heersende bodemkwaliteit van deze zone liggen. Zie bijlage 3 van deze Nota;
De grond moet afkomstig zijn uit de bovengrond van deze zone en ook weer in de bovengrond van deze zone worden toegepast;
De toe te passen grond voldoet aan de overige Gebiedsspecifieke eisen zoals beschreven in paragraaf 5.4 van deze Nota. Met name worden genoemd: par. 5.4.1 (hoeveelheid bodemvreemd materiaal) en par. 5.4.2 (toepassing op gevoelige functies).
5.5.5Niet gezoneerd gebied
Er zijn te weinig bodemgegevens beschikbaar voor dit gebied om het te kunnen zoneren. Bovendien geven de bodemonderzoeken die wel beschikbaar zijn van dit gebied, geen representatief beeld van de bodemsituatie in dit gebied.
Het niet gezoneerde gebied is gesitueerd in de bebouwde kom van IJsselstein. Het omvat de volgende deelgebieden:
deelgebied waar vroeger langs de Hollandsche IJssel steenfabrieken gesitueerd waren, die in de jaren 80 van de vorige eeuw plaatsgemaakt hebben voor woningbouw;
deelgebied met voormalige industrie langs Panoven. Dit deelgebied is opgehoogd met zand, waardoor de beschikbare bodemgegevens van daarvoor geen representatief beeld meer geven van de bodemkwaliteit in dit gebied;
deelgebied dat een woonwijk uit 2004 omvat. De beschikbare bodemonderzoeken zijn van daarvoor. Van de situatie 2004 of later, zijn geen voor de BKK bruikbare bodemonderzoeken gevonden.
Fig. 5: Ligging van het niet-gezoneerde gebied
Bodemkwaliteit in deze zone
Tabel 21: Aanduiding heersende bodemkwaliteit in deze zone
Naam
Bodemkwaliteitsklasse bovengrond (0-0,5 m-mv)
Bodemkwaliteitsklasse ondergrond (0,5-2,0 m-mv)
Niet gezoneerd
onbekend
onbekend
De gemiddelde bodemkwaliteit van dit gebied is niet bekend. Dit betekent dat er voorafgaand aan het graven in deze zone altijd een bodemonderzoeken of een partijkeuring nodig is om de kwaliteitsklasse van de vrijkomende grond vast te kunnen stellen om daarmee de toepassingsmogelijkheden te kunnen bepalen.
Kwaliteitseisen voor toe te passen grond in deze zone
Grond afkomstig uit het “Bodembeheergebied IJsselstein”:
De gemeente IJsselstein kiest ervoor om door het vaststellen van Gebiedsspecifiek beleid voor grond die afkomstig is uit het “Bodembeheergebied IJsselstein”, het toepassen van klasse Wonen-grond, zowel in de boven- als in de ondergrond van deze zone mogelijk te maken door af te zien van de verplichting om de ontvangende bodem te onderzoeken. Zie par. 5.2 voor een overzicht van gemeenten die binnen dit bodembeheergebied vallen. Voorwaarde is dat de toe te passen grond voldoet aan de niet zone-gerelateerde Gebiedsspecifieke eisen die in paragraaf 5.4. beschreven zijn. De Gebiedsspecifieke toepassingseisen zijn de onderstaande tabel visueel gemaakt.
Tabel 22: Gebiedsspecifieke toepassingseisen voor deze zone
*) de toepassingseis is gebaseerd op de bodemfunctieklasse van de zone
Grond afkomstig van buiten het “Bodembeheergebied IJsselstein ”:
Grond die afkomstig is van buiten het “Bodembeheergebied IJsselstein” moet voldoen aan de toepassingseis uit het Generieke kader van het Besluit bodemkwaliteit. De geldende toepassingseis wordt in dit geval bepaald door de uitkomst van de dubbele toets (functie en kwaliteit ontvangende bodem). Voor de functie wordt uitgegaan van Wonen. Het toepassen van klasse L/N-grond is toegestaan zonder dat er een toets uitgevoerd wordt.
Tabel 23: Generieke toepassingseisen voor deze zone
*) de toepassingseis moet blijken uit de uitkomst van de dubbele toets
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.5.
Zone-gerelateerd beleidsregels
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente IJsselstein houdende regels omtrent bodembeheer