Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Mutaties voorzieningen dubieuze debiteuren

Onderdeel van Richtlijnen voorzieningen dubieuze debiteuren 2021

1. Het verschil tussen de op grond van artikel 2 bepaalde noodzakelijke omvang van de voorziening en de werkelijke omvang van de voorziening wordt geboekt op de balans. De tegenboeking wordt als correctie verantwoord op de exploitatie. De hiervoor genoemde correctie wordt voor zover mogelijk en zinvol naar rato functioneel verantwoord op de producten en functies waar de betreffende openstaande posten betrekking op hebben. 2. Rechtstreeks ten laste van de voorzieningen dubieuze debiteuren worden openstaande posten afgeboekt uit het lopende en een vorig rekeningjaar als het onderstaande van toepassing is: • Faillissement, pas afboeken na brief beëindiging faillissement door curator; • Vertrokken onbekend waarheen (VOW); pas afboeken na 3 jaar vertrokken onbekend waarheen te zijn; • Vertrokken naar buitenland; pas afboeken na verhaalsonderzoek; • Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP); pas afboeken na schriftelijke verklaring schone lei; • Minnelijke schuldregeling (finale kwijting); pas afboeken na schriftelijke verklaring of storting van het overeengekomen bedrag; • Kosten/baten (bedrag te laag om dwanginvordering toe te passen); • Overleden, erven onbekend of erfenis verworpen; • Geen verhaal: bijvoorbeeld ambtsbericht deurwaarder. 3. Eventuele nagekomen ontvangsten worden ten gunste van de voorziening geboekt. 4. De bevoegdheden rond het oninbaar verklaren van openstaande posten worden vastgelegd in een Mandaatbesluit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel