Vanuit de Participatiewet zijn we al langer bekend met handhaving en fraudepreventie. Uitgangspunt is dan ook om zoveel mogelijk aan te sluiten bij bestaande structuren, instrumenten en werkprocessen en deze binnen het Sociaal Domein breed in te zetten. Om ervoor te zorgen dat de regels worden nageleefd kunnen er verschillende instrumenten worden ingezet. Er valt te denken aan:
Het afleggen van een (onaangekondigd) huisbezoek
Het doen van internetonderzoek
Het doen van een buurtonderzoek
Heimelijke waarnemingen
Instrumenten die bij de Wmo en Jeugdwet ingezet kunnen worden voor toezicht en handhaving zijn:
Administratief onderzoek
Gesprekken cq verhoren met budgethouders (PGB), medewerkers van zorginstellingen, directeuren en bestuurders van zorginstellingen.
Getuigen horen
Locatieonderzoeken. Het betreden van (zorg) locaties.
Het vorderen van inlichtingen en zakelijke gegevens van zowel budgethouders, zorginstellingen, administratiekantoren en boekhouders.
De komende periode wordt actief onderzocht welke instrumenten er zijn en of we voldoende gebruik maken van de beschikbare instrumenten. In dat kader geldt dat het proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginsel te allen tijde bepalend is bij de inzet van instrumenten. Zie hiervoor ook hoofdstuk 5.3. De controle op rechtmatige verstrekking van voorzieningen brengt met zich mee dat er gekeken wordt in de persoonlijke levenssfeer van personen. De onderzoeken zullen ten alle tijde zorgvuldig uitgevoerd worden, met in achtneming van de regels en protocollen die verbonden zijn aan rechtmatigheidsonderzoeken binnen het sociaal domein. De gemeente zal in dat kader protocollen opstellen.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.3