Naar hoofdinhoud
In Nederland is de situatie ontstaan dat de verkoop van softdrugs in coffeeshops (onder voorwaarden) wordt toegestaan. Er is echter geen regelgeving ontwikkeld over de bevoorrading van de coffeeshops. Er is dus niets geregeld over de zogenoemde achterdeur van coffeeshops. Met de achterdeur wordt de inkoop van hasj en wiet door de coffeeshophouder bedoeld. 1.4.1 Experiment gesloten coffeeshopketen Het kabinet wil tijdelijk experimenteren met een gesloten hennepketen bestemd voor levering aan, en verkoop in, gedoogde coffeeshops. Daarbij wil het kabinet onderzoeken welke resultaten dit oplevert op het gebied van openbare orde en veiligheid, de volksgezondheid en het tegengaan van criminaliteit. Tijdens dit experiment krijgen tien gemeenten de mogelijkheid de wietteelt tijdelijk te reguleren. Alle coffeeshops die in een deelnemende gemeente zijn toegestaan moeten deelnemen aan het experiment. Een coffeeshophouder mag uitsluitend hennep en hasj afnemen van aangewezen telers en uitsluitend die hennep en hasj voorhanden hebben en verkopen. Er zijn door het ministerie van Veiligheid en Justitie landelijk 10 telers aangewezen die exclusief zorgen voor de bevoorrading van de coffeeshops in de aangewezen gemeentes. Deze telers mogen hun hennep en hasj alleen op Nederlands grondgebied telen. Het is nog niet exact duidelijk wanneer het experiment zal starten. Het experiment zal starten met een voorbereidings- en overgangsfase. Vervolgens zal de experimenteerfase vier tot vijf en een half jaar duren. Na het experiment komt er een afbouwfase van een half jaar en wordt de huidige situatie weer hersteld. 1.4.2 Standpunt gemeente In november 2017 is er door verschillende partijen een motie aangenomen, waarin het college-initiatief om Smallingerland voor te dragen als experimenteergemeente voor de legale wietteelt, wordt ondersteund. In deze motie is onder andere mee overwogen dat de gemeenteraad 2013 een initiatiefvoorstel heeft aangenomen om te lobbyen voor een experiment legale wietkweek en dat de gemeente Smallingerland een van de 35 deelnemende gemeenten was die in 2014 een bestuurlijk manifest aan de toenmalige minister heeft aangeboden. De motie is met een meerderheid aangenomen. Eind 2018 zijn er via een AMvB (voorlopige) voorwaarden bekend gemaakt, waarvan enkele hierboven (hoofdstuk 1.4.1) zijn beschreven. De toenmalige burgemeester heeft kennis genomen van de AMvB, en naar aanleiding daarvan een bezoek gebracht aan een coffeeshop in Drachten en overleg gehad met de eigenaar van de andere coffeeshop. Er is een beeld verkregen van de huidige bedrijfsvoering van een coffeeshop en wat het experiment in zal houden voor de dagelijkse bedrijfsvoering. Na het overleg met beide coffeeshophouders is door het college van Burgemeester en Wethouders voorlopig geconcludeerd dat een experiment in deze vorm, onder deze condities niet goed haalbaar is. In april 2019 is de gemeente vervolgens op de hoogte gesteld van een gewijzigd AMvB. Aangezien zich geen grote wijzigingen hebben voorgedaan in het AMvB met betrekking tot de randvoorwaarden en condities van het experiment, is het standpunt van het college ongewijzigd. De gemeente Smallingerland heeft zich dus niet aangemeld als experimenteergemeente. Ondanks dat de gemeente niet als coffeeshopgemeente mee doet aan het experiment, kan een wietteler zich wel vestigen in Smallingerland. Twee wiettelers, die zich in Smallingerland willen vestigen, hebben hiervoor een vergunning aangevraagd bij het Ministerie. Een van deze wiettelers zit bij de laatste tien gegadigden, en doorloopt op dit moment de aanvraagprocedure bij het Ministerie.

Rechtspraak bij dit artikel