Naar hoofdinhoud
Hieronder volgt een toelichting op schaarse vergunningen en de toepassing van schaarse vergunningen op coffeeshops. 1.5.1 Schaarse vergunningen Een schaarse vergunning is een vergunning waarvan slechts een beperkt aantal kan worden verleend, terwijl er meerdere (potentiele) aanvragers zijn. In 2010 is er wet- en regelgeving omtrent schaarse vergunning in werking gesteld via de Europese Dienstenrichtlijn. Daarnaast heeft de Raad van State in november 2016 uitspraak gedaan in een zaak over een speelautomatenhal die consequenties heeft voor de vergunningverlening door gemeenten bij schaarse vergunningen (ECLI:NL:RVS:2016:2927). Bovenstaande heeft er toe geleid dat gemeenten, bij het verlenen van schaarse vergunningen, drie verplichtingen hebben: Mededinging: er dient ruimte worden geboden om naar een beschikbare vergunning mee te dingen; Tijdelijkheid: een vergunning mag niet voor onbepaalde tijd verstrekt worden en de looptijd mag niet buitensporig lang zijn. Een vergunning voor lange of onbepaalde tijd zou er voor zorgen dat de markt voor langere tijd ontoegankelijk zou zijn voor nieuwe gegadigden. Transparantie: er moet een passende mate van openbaarheid zijn indien één of meerdere schaarse vergunningen beschikbaar zijn. Op deze manier hebben alle potentiële gegadigden een eerlijke kans om mee te dingen naar de vergunning. 1.5.2 Schaarse vergunningen en coffeeshops Binnen de gemeente Smallingerland is er sprake van een maximumstelsel voor coffeeshops. Er zijn namelijk maximaal twee coffeeshops toegestaan. Daarbij is de verwachting dat het aantal gegadigden voor zo'n vergunning groter is, dan het aantal voor verlening beschikbare vergunningen. Er is dus sprake van schaarse vergunningen voor coffeeshops. In maart 2021 heeft de bestuursrechter van de Rechtbank Limburg uitspraak gedaan in een zaak omtrent schaarse vergunningen en coffeeshops (ECLI:NL:RBLIM:2021:2746). De burgemeester van Roermond heeft exploitatievergunningen voor coffeeshops verleend met beperkte duur, omdat de vergunningen schaars zouden zijn. In de betreffende gemeente geldt namelijk een maximum aantal voor coffeeshops. De rechter heeft geoordeeld dat de exploitatievergunningen zijn verleend voor uitsluitend de legale horeca-activiteiten. De exploitatievergunningen zien niet op de handel in softdrugs. Exploitatievergunningen voor legale horeca-activiteiten zijn niet gelimiteerd, zodat zij niet schaars zijn. De duur van de vergunningen mocht daarom niet worden beperkt. De rechtbank overweegt ten overvloede dat ook gedoogverklaringen niet onderworpen kunnen zijn aan de regels ter zake schaarse vergunningen. Gedoogverklaringen zijn namelijk geen vergunningen. Het toepassen van de regels betreffende schaarse vergunningen zou bovendien resulteren in regulering van de verkoop van softdrugs, wat niet mogelijk is onder de huidige Opiumwet. Tot slot zijn de regels omtrent schaarse vergunningen gebaseerd op Unierechtelijke vrijheden en beschermen zij potentiële concurrenten. In dit geval zijn die concurrenten echter coffeeshophouders die zich juist niet op die Unierechtelijke vrijheden kunnen beroepen, omdat de vrijheden niet van toepassing zijn op illegale goederen zoals softdrugs. Dat in Nederland de verkoop van softdrugs door coffeeshops wordt gedoogd, betekent niet dat de verkoop legaal is.

Rechtspraak bij dit artikel