• - Een vergunning kan in bijzondere gevallen door het college worden overgedragen aan een andere natuurlijke persoon. Onder bijzondere gevallen wordt in iedere geval verstaan:
  • - Wanneer een vergunninghouder zijn onderneming (gedeeltelijk) staakt.
  • - Wanneer een vergunninghouder de op dat moment geldende pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt.
  • - Wanneer een vergunninghouder door arbeidsongeschiktheid zijn of haar standplaats zelf niet meer kan innemen.
  • - Wanneer een vergunninghouder komt te overlijden.
  • - Een standplaatsvergunning kan worden overgedragen aan de volgende natuurlijke personen:
  • - de echtgenoot of echtgenote van de vergunninghouder.
  • - de geregistreerde partner van de vergunninghouder.
  • - een bloedverwant in de eerst of tweede graad van de vergunninghouder.
  • - een meerderjarige medewerker, mits een arbeidsovereenkomst kan worden overlegd en de medewerker langer dan 1 jaar in dienst is, of de mede-eigenaar van het bedrijf van de vergunninghouder.
  • - Een aanvraag tot het overdragen van een vergunning moet binnen drie maanden na de gebeurtenis zoals genoemd in artikel 1 lid a tot en met c worden ingediend.
  • - Het overdragen van de vergunning heeft geen invloed op de inhoud van de vergunning anders dan de het wijzigen van de vergunninghouder.
  • - De vergunning wordt overgedragen voor ten hoogste de resterende termijn waarvoor de vergunning is afgegeven.