De aparte norm voor alleenstaande ouders is gewijzigd in alle sociale regelingen, waaronder ook de Participatiewet, de IOAW en de IOAZ. Vanaf 1 januari 2015 is de norm voor alleenstaande ouders gelijk aan de norm voor een alleenstaande.
Omdat alleenstaande ouders in het algemeen hogere kosten maken dan alleenstaanden kunnen alleenstaande ouders aanspraak maken op een aanvulling in het kindgebonden budget. Het kindgebonden budget wordt door de Belastingdienst aan gezinnen verstrekt en is een bijdrage in de kosten voor kinderen tot 18 jaar. De hoogte van het kindgebonden budget is afhankelijk van het inkomen, het aantal kinderen en de leeftijd van de ouder(s). Speciaal voor alleenstaande ouders komt daar een aanvulling bovenop, de zogenaamde. alleenstaande-ouderkop. Belangrijke voorwaarde is wel dat deze personen geen toeslagpartner hebben. De Belastingdienst beoordeelt dat.
In de Participatiewet is het begrip ‘alleenstaande ouder’ van belang voor o.a. ontheffingen van verplichtingen, maar ook voor de vermogensvrijlating of de inkomstenvrijlating voor alleenstaande ouders.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.3.2.1
Norm alleenstaande ouder
Onderdeel van Beleidsregels Werk en Inkomen Gemeente Lochem