Op de bodemfunctieklassenkaart (zie kaartbijlage B1) wordt de ligging van gebieden met de (toekomstige) bodemfuncties 'Industrie', 'Wonen' en ‘Landbouw/natuur’ aangegeven. De bodemfunctieklassenkaart wordt gebruikt voor:

  • - het mede bepalen van de kwaliteitseisen waaraan de toe te passen grond moet voldoen (zie ook § 3.7.4 en bijlage 1 onder het kopje ‘Toepassingseis kwaliteit toe te passen grond op of in de bodem’);
  • - het vaststellen van terugsaneerwaarden bij bodemsaneringen in het kader van de Wet bodembescherming[7].

De eerder bestuurlijk vastgestelde bodemfunctieklassenkaarten van de gemeenten zijn aangepast. Met de aanpassingen zijn de gebieden met de bodemfuncties 'Industrie' en 'Wonen' beter weergegeven en enkele bestemmingswijzigingen van de afgelopen jaren doorgevoerd. In tabel 2.1 is de indeling van gebruiksvormen gegeven die in de bodemfunctieklassen ‘Industrie’, ‘Wonen’ en ‘Landbouw/natuur’ vallen.

Voor de definitie van onverharde wegbermen wordt hier volstaan met een verwijzing naar de nota bodembeheer.

Tabel 2.1 Indeling gebruiksvormen in bodemfunctieklassen

Bodemfunctieklasse

Gebruiksvorm

Industrie

  • - Huidige en toekomstige industrie- en bedrijfsterreinen inclusief groenpercelen.
  • - Infrastructuren: rijkswegen, provinciale wegen, spoorwegen en geasfalteerde gemeentelijke wegen in het buitengebied (inclusief bermen).
  • - Percelen in het buitengebied met de bestemming 'bedrijven' of 'industrie'.

Wonen

  • - Huidige en toekomstige woonwijken, lintbebouwing en delen van de bebouwde kom waar gemengd woonfuncties en bedrijven/industrie voorkomen.
  • - (Sport)parken, recreatieterreinen en ander recreatief openbaar groen in de bebouwde kom.
  • - Begraafplaatsen in de bebouwde kom.
  • - Lokale wegen door woonwijken.
  • - Permanent bewoonde recreatie, bungalowparken en campings in het buitengebied.
  • - Percelen op industrie-/bedrijventerreinen met de bestemming 'wonen'.
  • - Percelen in het buitengebied met de bestemming 'wonen'.

Overig (landbouw/natuur)

  • - Landbouw- en natuurgebieden.
  • - (Sport)parken en recreatieterreinen in het buitengebied.
  • - Volkstuinen en moestuin(complex)en.
  • - Begraafplaatsen buiten de bebouwde kom.
  • - Recreatieterreinen in het buitengebied en intensief (gebruikt) groen.
  • - Provinciale beschermingsgebieden zoals Natura2000 en Natuurnetwerk Nederland.