Naar hoofdinhoud
Op de bodemkwaliteitskaart zijn zones met een bepaalde gemiddelde bodemkwaliteit aangegeven. Binnen een zone is de kwaliteit min of meer gelijk, terwijl de zones onderling juist van kwaliteit verschillen. In 2015 is op basis van gegevens uit het Bodem Informatie Systeem en nieuw verzamelde data een nieuwe bodemkwaliteitskaart (BKK) opgesteld conform de Richtlijn Bodemkwaliteitskaarten [6]. Er zijn 24 bodemkwaliteitszones. Iedere zone heeft een bepaalde kwaliteit, die consequenties heeft voor het toegestane grondverzet en hergebruik van grond en bagger. De bodemkwaliteitskaart is in wezen een verzameling kaarten, waarvan de ontgravingskaart een uitspraak doet over de kwaliteit van vrijkomende grond. De ontgravingskaart voor de bovengrond (0 – 0,5 meter beneden maaiveld) is toegevoegd als kaartbijlage 2A en een uitsnede is afgebeeld in onderstaande figuur. Er is ook een ontgravingskaart voor de ondergrond (0,5 tot 2 meter beneden maaiveld), kaartbijlage 2B. Van de totstandkoming van de bodemkwaliteitskaart is een rapportage opgesteld [8]. Figuur 3.2: Uitsnede van de ontgravingskaart (Stolwijk). De oude kern en het oude bedrijfsterrein heeft de kwaliteit “Industrie”. De jongere woonwijken zijn van kwaliteit Wonen of beter (Landbouw/Natuur). Het landelijk gebied en de lintbebouwing moeten worden ingedeeld in de klasse Wonen. De bodemkwaliteitskaart doet een uitspraak over de diffuse bodemkwaliteit: deze is voornamelijk bepaald door het gebruik van de bodem, ophogingen in het verleden en atmosferische depositie. De kaart geeft dus een verwachting van de gemiddelde kwaliteit van een zone; op een willekeurige andere locatie in de zone kan de kwaliteit beter of juist minder goed zijn. De kaart doet geen uitspraak over de kwaliteit van locaties met puntbronnen zoals tanks of bedrijven. De bodemkwaliteitszones zijn vastgesteld op basis van het meest voorkomende bodemgebruik, bebouwingsgeschiedenis en bodemtype binnen een bepaalde zone. De grenzen tussen zones sluiten hier zo goed mogelijk bij aan, maar in enkele gevallen zijn de grenzen meer arbitrair gekozen. In die gevallen dat er twijfel bestaat over de grens of de toekenning van een perceel tot een zone, is niet de kaart, maar de situatie ter plaatse leidend. Een goed voorbeeld hiervan is de zone lintbebouwing die in de regio Midden-Holland veelvuldig voorkomt. De zone wordt gekenmerkt door min of meer aaneengesloten bebouwing van boerderijen en woonhuizen buiten de kernen. Als definitie wordt gehanteerd: de bebouwing en het terrein dat een directe relatie heeft met de activiteiten die bij dat gebouw horen. Samen met de bebouwde oppervlakten kunnen erven en tuinen dus ook worden gerekend tot de zone lintbebouwing. Ook bebouwde percelen die op de kaart zijn aangegeven als landelijk gebied behoren tot deze zone. Andersom horen weilanden die op kaart binnen de zone lintbebouwing vallen, niet tot deze zone maar tot het landelijk gebied. Niet de kaart, maar de situatie ter plaatse is dus leidend voor de bepaling of een locatie in het landelijk gebied is gelegen of binnen de zone lintbebouwing valt. Dergelijke afwijkingen dienen in overleg met het bevoegd gezag Bbk te worden bepaald. Alle historische kernen en binnensteden (bebouwd voor 1900) worden gekenmerkt door relatief hoge gehalten aan zware metalen en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) en moeten op basis van de gemiddelde gehalten worden ingedeeld in de Klasse Industrie. Hetzelfde geldt voor het merendeel van de lint- en dijkbebouwingen. In alle woonwijken die gebouwd zijn tussen 1900 en 1970 voldoet de bovengrond aan Klasse Wonen. De uitbreidingen van na 1970 voldoen aan de achtergrondwaarden en worden ingedeeld in Klasse Landbouw/Natuur. Eenzelfde tendens is van toepassing op bedrijfsterreinen: hoe ouder des te meer diffuse verontreinigingen aanwezig zijn. Tabel 3.2: De bodemkwaliteitszones met de functie en kwaliteit. In de laatste 2 kolommen is de zogenaamde “ontgravingskwaliteit” afgebeeld. Deze klasse is relatief streng maar geeft de beste indicatie van de kwaliteit van vrijkomende grond. Zie kaartbijlage 2a en 2b voor een geografisch overzicht. 1 betreft gemeente Zuidplas (dus de vier kernen Moordrecht, Nieuwerkerk ad IJssel, Moerkapelle en Zevenhuizen).

Rechtspraak bij dit artikel