Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.1.3

Dakkapellen

Onderdeel van Welstandsnota gemeente Kampen

Dakkapellen verbeteren de woonkwaliteit van een woning door meer bruikbaar woonoppervlak en extra daglichttoetreding. Als dakkapellen zichtbaar zijn vanaf het openbaar gebied zijn deze beeldbepalend voor het straatbeeld en indien te dominant vormgegeven zelden een verrijking. Uitgangspunt is dat de dakkapellen een ondergeschikte toevoeging zijn van het dakvlak. Bij meerdere kapellen op een groter dakvlak is het daarnaast belangrijk rust en samenhang te bewaren door uniformiteit in plaatsing en vormgeving. Criteria dakkapellen Plaatsing De volgende situaties zijn niet toegestaan: Een dakkapel op een bijgebouw, aan- of uitbouw; Een dakkapel op een dak flauwer dan 30°; Boven elkaar geplaatste dakkapellen; Een dakkapel op een wolfseind. Daarnaast geldt: Bij een mansardekap is een dakkapel alleen in het lage deel van het dakvlak toegestaan; Bij meerdere dakkapellen in hetzelfde bouwblok is regelmatige rangschikking op een horizontale lijn een vereiste; Bij vrijstaande woningen: plaatsing gecentreerd in het dakvlak of gerelateerd aan de geleding van de voorgevel; Bij half vrijstaande en rijwoningen: plaatsing gerelateerd aan de geleding van de voorgevel. Afstand t.o.v. randen dakvlak:* 0,5 tot 1.00 m. van onderkant dakkapel tot de onderkant van het dakvlak. Minimaal 1 meter dakvlak van bovenkant dakkapel tot nok; Minimaal 1 meter vanaf zijkant dakkapel tot zijkant gevel of woningscheiding; Het koppelen van kapellen van twee woningen zonder onderlinge afstand is toegestaan, mits gelijktijdig gebouwd. *) afstand tot boven en onderkant dak verticaal gemeten, afstand tot zijkant gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel (bij kilkepers gemeten aan de onderzijde/ dakvoet van de dakkapel) Maatvoering en vormgeving: Hoogte maximaal 50% van de in het verticale vlak geprojecteerde hoogte van het dakvlak met een maximum van 1.35 m. gemeten vanaf voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord of daktrim; Breedte in totaal maximaal 30% van de breedte van het dakvlak met een maximum van 2.00 m** ; Breedte in totaal maximaal 50% van de breedte van het dakvlak, met een maximum van 3 meter, mits sprake is van een trendvolger of een vooraf goedgekeurd ontwerp; Plat afgedekt; Indeling van de kozijnen is gelijkvormig aan die van het hoofdgebouw. **) maat dakvlak: gemeten tussen midden woningscheidende bouwmuren of (buitenkant) eindgevels, bij hoekkepers gemeten aan bovenkant dakkapel, bij kilkepers gemeten aan onderzijde dakkapel. Detaillering, materiaal en kleur: Geen overmaat aan detailleringen, dus bescheiden overstek, boeiboord en ornamenten; Dikte boeideel < 25 cm, overstek min. 5 cm en max. 10 cm; Beperkte toepassing van dichte panelen in het voorvlak (<20%), alleen in ondergeschikte mate tussen de glasvlakken; Zijwanden van de dakkapel hebben gedekte kleuren, in de kleur van het dakvlak of wit. Glas is eveneens toegestaan; De profielen van de ramen zijn gelijk aan die van het hoofdgebouw; Geen felle en contrasterende kleuren toepassen. Gekoppelde dakkapellen; Voorbeeld dakkapellen op een horizontale lijn; Voorbeeld te grote dakkapel.

Rechtspraak bij dit artikel