Zelfredzaamheid en eigen kracht zijn belangrijke grondbeginselen. Zelfstandigheid van de jongere en het streven naar de meest optimale vorm van zelfstandigheid zijn uitgangspunt. Eén van de uitgangspunten binnen het jeugdhulpvervoer is: “Wie zelfstandig kan reizen, reist zelfstandig.”
Het college wil zelfstandig(er) reizen stimuleren en faciliteren. Op ieder moment kunnen ouders en jongeren met het college in gesprek gaan over de mogelijkheden om (meer) zelfstandig te gaan (leren) reizen. Ook kan het college zelf contact zoeken met ouders en jongeren om hierover in gesprek te gaan.
Bij een aanvraag voor een individuele voorziening voor jeugdhulp is vervoer één van de te bespreken onderwerpen. Als de jongere negen jaar of ouder is, voert het college een gesprek met de ouders over de mate waarin hun kind zelfstandig of onder begeleiding kan reizen. Maar ook over wat er nodig is om dit te bereiken. De afspraken worden opgenomen in het ondersteuningsplan.
Bij een eventuele vervolgaanvraag of nieuwe aanvraag voor een individuele voorziening voor jeugdhulp evalueren we de vervoersafspraken.
Voor het bepalen of de jongere zelfstandig of onder begeleiding kan reizen gebruiken we de volgende leidraad:
wij gaan ervan uit dat jongeren vanaf 11 jaar in principe zelfstandig gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer;
als de jongere de jeugdhulplocatie zonder overstap en binnen één uur kan bereiken, reist de jongere zelfstandig of met begeleiding met het openbaar vervoer. Tenzij een aantoonbare structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische beperking de jongere hierin beperkt;
Als er twijfel bestaat over de mogelijkheden van de jongere om met het openbaar vervoer te reizen (zelfstandig of met begeleiding) vragen we een onafhankelijk extern advies over de beperkingen van de jongere met betrekking tot reizen met het openbaar vervoer. Tenzij overduidelijk is dat de lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische beperking de jongere hierin beperkt.
Het college kan het gebruik van het openbaar vervoer en het zelfstandig leren reizen faciliteren door het aanbieden van een leertraject in de vorm van een project.
Het kan zijn dat de jongere al een persoonlijk begeleider heeft voor een leertraject in het kader van leerlingenvervoer. We bekijken dan of we deze begeleider ook kunnen inschakelen voor begeleiding in het kader van jeugdhulp(vervoer).
Als de jongere op grond van het leerlingenvervoer een vergoeding krijgt voor zelfstandig reizen, krijgt hij of zij die ook op grond van het jeugdhulpvervoer.
Artikel 5.
Stimuleren van zelfstandig reizen
Onderdeel van Beleidsregels jeugdhulpvervoer gemeente Terneuzen 2021