Artikel 9 lid 2 Participatiewet en artikel 37a IOAW/IOAZ bepalen dat het college in individuele gevallen een tijdelijke ontheffing kan verlenen van de verplichting tot arbeidsinschakeling als bedoeld in artikel 9 lid 1 onder a en c, als hiervoor dringende redenen aanwezig zijn.
Naar het oordeel van het college zijn er dringende reden om een tijdelijke ontheffing van de verplichting naar vermogen algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen:
Indien op grond van een medisch onderzoek of anderszins, is vastgesteld dat de belanghebbende arbeidsongeschikt is;
Indien de combinatie van zorg voor kinderen dan wel mantelzorg en arbeid niet mogelijk is;
Indien gelet op de leeftijd, arbeidsverleden, (on)mogelijkheden van de belanghebbende en de arbeidsmarktsituatie arbeid niet mogelijk is.
De ontheffing op grond van artikel 9 lid 2 is altijd tijdelijk en de periode wordt bepaald door de duur van de omstandigheden die maken dat belanghebbende nog niet algemeen geaccepteerde arbeid kan aanvaarden. Steeds wordt na afloop van de periode opnieuw beoordeeld in hoeverre er dringende redenen zijn om de belanghebbende te ontheffen van de verplichting algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden.
Hoofdstuk
Artikel 7
Ontheffing verkrijgen algemeen geaccepteerde arbeid
Onderdeel van Beleidsregels Verplichtingen, maatregelen en tegenprestatie 2022