Verhaald wordt de aan de onderhoudsgerechtigde verstrekte bijstand en wel tot de grens van de onderhoudsplicht. De onderhoudsplicht wordt begrensd door enerzijds de draagkracht van de tot onderhoud verplichte persoon, anderzijds de behoefte van de onderhoudsgerechtigde. De laagste van de twee vormt het maximum van de verhaalsbijdrage.
Bij het bepalen van de draagkracht wordt uitgegaan van de werkelijke draagkracht volgens de draagkrachtberekening. In afwijking van het TREMA-rapport wordt, betreffende de maanden dat de onderhoudsplichtige een bijstandsuitkering of een uitkering op bijstandsniveau als enige inkomen heeft, geen draagkracht aanwezig geacht.