In de gemeente Opmeer gaan we op de volgende manier om met burgerparticipatie1Gebaseerd op de tien spelregels voor burgerparticipatie van de Nationale ombudsman.:
1.Maak altijd een weloverwogen keuze om burgerparticipatie wel of niet in te zetten
Het college van burgemeester en wethouders bepaalt aan de hand van het ‘Afwegingskader voor de organisatie van burgerparticipatie’ of burgerparticipatie kan worden ingezet en uitgevoerd2Zie bijlage 2 voor het afwegingskader burgerparticipatie bij beleid. Bron: https://www.prodemos.nl/wp-content/uploads/2016/04/Schema-burgerparticipatie-zp.pdf.. In deze afweging gaat het over de mate van invloed op de leefomgeving, of er juridisch ruimte is voor participatie en of inwoners bedrijven en maatschappelijke organisaties kennis hebben over of ervaring hebben met het betreffende onderwerp. Burgerparticipatie in de hele beleidscyclus is zelden haalbaar. Doorgaans wordt de nadruk gelegd op het voortraject (agendavorming en beleids-/planvorming) of het natraject (uitvoering en evaluatie). De gemeente kan per fase besluiten burgerparticipatie alsnog toe te passen dan wel een andere participatiegraad (meebeslissen; coproduceren; adviseren; raadplegen; informeren) te kiezen.
2.Besef dat de gemeente het algemeen belang vertegenwoordigd
De belangen van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties (hierna participanten) lopen niet altijd parallel met het algemeen belang. De gemeente heeft de plicht om de belangen van partijen die niet aan tafel zitten ook zichtbaar te maken en mee te nemen in de totale afweging. Het is hierbij belangrijk de representativiteit van deelnemers goed te bewaken. Ook de mate van contact van participanten met de achterban is van groot belang.
3.Participatie is een vast onderdeel van het politieke en bestuurlijke besluitvormingstraject
In elke kaderstellende of startnotitie en elk projectplan, wordt in een communicatie- en participatieparagraaf de keuze van een participatiemodel en de keuze van de mate van participatie aan het college voorgelegd. In de paragraaf wordt ook aangegeven of er na participatie nog sprake is van inspraak volgens de inspraakverordening van Opmeer. De keuze voor (het niveau van) burgerparticipatie wordt daarmee vooraf bestuurlijk vastgesteld. Dit is belangrijk om de verwachtingen tussen de betrokken partijen en de gemeente goed met elkaar af te stemmen. Om de gemeenteraad gelegenheid te geven om zijn controlerende functie uitoefenen, wordt de communicatie- en participatieparagraaf ter kennis van de raad gebracht. De gemeenteraad kan daarmee de voortgang en de kwaliteit van het proces meten. De raad kan natuurlijk ook het college opdracht geven over een onderwerp een burgerparticipatieproces te organiseren en daarvoor zelf kaders en randvoorwaarden formuleren.
De werkwijze bij het inrichten van een participatieproces staat in bijlage 1.
4.Bepaal de rol die de participanten krijgen in het participatieproces
Voor het bepalen van de mate van invloed die participanten krijgen wordt de participatieladder gebruikt3Zie bijlage 4.. Het gaat dan niet alleen om de beleidsfase waarin participanten betrokken worden (agendavorming, voorbereiding, besluitvorming, uitvoering, evaluatie van beleid), maar ook om de verantwoordelijkheid die ze krijgen (informeren, raadplegen, advies vragen of beslissen). In het ‘Afwegingskader burgerparticipatie bij beleid’ wordt de participatieladder ook als basis gebruikt voor het bepalen van de rol van participanten.
5.Zorg voor een zorgvuldig doordacht participatieproces
Elk participatieproces is maatwerk.
Door antwoord te geven op de vragen in het afwegingskader, kan worden beargumenteerd met welk doel, in welk stadium van het beleidsproces, welke participanten met welke verantwoordelijkheid meedoen.
Afhankelijk van het onderwerp, de doelgroep, de rol voor de participant, de fase van het proces wordt een geschikte vorm gekozen voor de uitvoering van het participatieproces. Er zijn vele vormen en mogelijkheden voor participatie. Het is maatwerk voor welke vorm van participatie wordt gekozen. In de tabel van bijlage 4 staan voorbeelden van toegepaste vormen van participatie gerangschikt naar participatieniveau.
Door dit vroegtijdig uit te denken wordt het participatieproces zo efficiënt mogelijk ingericht voor de gemeente én de participanten en kan er tijdig over het participatieproces worden gecommuniceerd.
6.Participatie vanuit oprechte interesse
De gemeente Opmeer is oprecht geïnteresseerd in hetgeen participanten naar voren brengen en laat dat merken in woord en daad. Van participanten mag een constructieve bijdrage worden verwacht.
7.We spannen ons in om alle belanghebbenden actief te betrekken
De gemeente levert inspanningen om alle belanghebbenden actief te betrekken, dus ook degenen die zich niet meteen in eerste instantie zelf aanmelden. Het is belangrijk de representativiteit van deelnemers (juiste ‘afspiegeling’ van de ‘bevolking’) goed te bewaken, niet alleen de voor- of tegenstanders, maar bijvoorbeeld ook de zwijgende meerderheid.
8.We informeren inwoners tijdig en volledig over wat zij kunnen verwachten
We informeren de inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties tijdig en volledig over het onderwerp van participatie, hun rol en de manier waarop het participatieproces vorm krijgt. De participanten weten aan het begin hoe het participatieproces eruit gaat zien en wat met de uitkomsten gaat gebeuren. Het is duidelijk waaraan zij kunnen deelnemen, wat het doel is van hun inzet, hoe het proces wordt ingericht en wat de mate van invloed is die zij kunnen uitoefenen. Hiermee zijn de verwachtingen realistisch.
9.We wegen de inbreng van inwoners mee in de uiteindelijke beslissing en maken dat zichtbaar
De inbreng van participanten wordt schriftelijk vastgelegd. We motiveren het besluit waarbij we aandacht besteden aan de door inwoners naar voren gebrachte argumenten.
We koppelen terug aan de participanten wat er met de input is gebeurd en leggen we uit hoe de inbreng een plek heeft gekregen in het beleid of het plan.
Ook wordt de inbreng van het participatieproces opgenomen in de college- en raadsvoorstellen.
Door de terugkoppeling voelen de aanwezigen zich serieus genomen en kunnen we ook andere inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties enthousiasmeren.
Artikel 3.
De spelregels voor burgerparticipatie
Onderdeel van Nota Burger- en overheidsparticipatie Opmeer