Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

De spelregels voor overheidsparticipatie

Onderdeel van Nota Burger- en overheidsparticipatie Opmeer

De gemeente moet een keuze maken over welke rol zij inneemt bij een burgerinitiatief: reguleren, regisseren, stimuleren, faciliteren of loslaten. Reguleren: Een initiatief kan betekenen dat we onze regelgeving aanpassen. Regisseren: Wanneer we kiezen voor regisseren, betekent dat ook andere partijen een rol hebben maar we er belang aan hechten wel regie te hebben. Stimuleren: We hebben de wens dat bepaald beleid of een initiatief van de grond komt, maar de realisatie laat ze wel over aan anderen. Faciliteren: We zien het belang om het initiatief mogelijk te maken. Loslaten: We waarderen het initiatief maar we willen inhoudelijk noch in het proces enige bemoeienis hebben. In de gemeente Opmeer gaan we op de volgende manier om met overheidsparticipatie4Gebaseerd op de tien spelregels voor overheidsparticipatie van de Nationale ombudsman.: 1. Initiatieven bevorderen de leefbaarheid en/of het vergroten van de sociale cohesie inde buurt. Van de initiatiefnemer vragen we om draagvlak en steun in de samenleving te proberen te vinden. Initiatieven die bijdragen aan maatschappelijke, economische en ruimtelijke doelen, zoals bijv. verwoord in de beleidsvisies van de gemeente en initiatieven die andere doelen, behoeften of ontwikkelingen in de gemeente versterken, kunnen uiteraard sneller rekenen op draagvlak. Het gaat over activiteiten en projecten die bijdragen aan de leefbaarheid en/of het vergroten van de sociale cohesie in de buurt. Denk daarbij aan meer veiligheid, prettiger en respectvol met elkaar omgaan, ervoor zorgen dat aanwezige voorzieningen in goede staat blijven, meer bewoners bij de buurt betrekken, bewoners stimuleren elkaar te helpen, het contact over en weer tussen de buurt, vergroten van het gevoel van verantwoordelijkheid van bewoners voor hun leefomgeving. Voorbeelden zijn: kleinschalige buurt- en straatfeesten, speelplekjes, maar ook grote evenementen. Maar het kan ook gaan over bewoners of organisaties die taken van gemeenten kunnen overnemen. Bijvoorbeeld als zij denken dat het anders, beter, slimmer en/of goedkoper kan. Deze vorm van participatie wordt ook wel Right to Challenge genoemd. Bijlage 8 geeft uitleg over Right to Challenge en de spelregels die daarbij horen. 2. Initiatieven zijn afkomstig van en eigendom van de initiatiefnemer(s) Kenmerkend voor een initiatief is dat het idee afkomstig is van de initiatiefnemer, die het idee vervolgens zelf of in eigen beheer wil uitvoeren. Het is niet de bedoeling dat wij het idee overnemen of eisen dat de inwoner werkt zoals wij zouden werken. Dat neemt niet weg dat ook de gemeente en maatschappelijke organisaties onderwerpen onder de aandacht kunnen brengen, waarvoor voorstellen kunnen worden gedaan of suggesties voor (bestaande) initiatieven kunnen worden ingebracht. 3. Initiatieven worden welwillend ontvangen De samenleving is aan zet en wij maken daarvoor ruimte. Ruimte ontstaat niet vanzelf. Wij denken in mogelijkheden. Ook op het terrein van de regelgeving is het wenselijk om ideeën niet in de kiem te smoren, maar open te staan voor wat mogelijk is. Zo kan onderzocht worden of regels en verboden omgezet kunnen worden naar alternatieven en voorwaarden. Te denken valt aan het verlenen van vrijstellingen, het wijzigen van voorschriften, tijdelijk afzien van handhaving, alternatieven aanreiken hoe een initiatief wel in de regels past en accepteren dat dingen anders kunnen. 4. Initiatieven zijn herkenbaar en hanteerbaar Initiatiefnemers moeten het initiatief beschrijven. Te denken valt aan de volgende elementen: de locatie, de tijdsduur, de schaalgrootte, de omvang, het eigenaarschap, het doel, de waarde of belang voor de initiatiefnemers en/of anderen en het risico voor partijen. Bijlage 6 is een leidraad voor het organiseren van burgerinitiatieven. 5. Initiatieven worden gefaciliteerd en gestimuleerd Zogenoemde opbouwwerkers van de gemeente zijn beschikbaar voor het ondersteunen en adviseren bij het ontwikkelen en uitvoeren van initiatieven of zij verwijzen naar een intern contactpersoon van de gemeente. Ook daarbij geldt: het initiatief ligt bij inwoners en organisatie maar waar begeleiding nodig is, kan men zich tot hen wenden. 6. Initiatieven waarbij budget nodig is, kunnen aangevraagd worden. De gemeente stelt jaarlijks budget beschikbaar voor initiatieven. De voorwaarden zijn beschikbaar op www.opmeer.nl en gaan over het doel waarvoor het budget wordt aangevraagd en de procedureregels voor de aanvraag. 7. Afspraken over een initiatief kunnen worden neergelegd in een overeenkomst Kenmerkend voor de verhoudingen is de gelijkwaardigheid van partijen. De initiatiefnemer wordt niet door de gemeente ergens toe verplicht en de gemeente gaat uit vrije wil in zee met de initiatiefnemer. Om die gelijkwaardigheid vast te leggen kan het opstellen van een overeenkomst tussen initiatienemer(s) en de gemeente een goede vorm zijn. Daarin leggen partijen hun afspraken vast, aangevuld met enkele eenvoudige regels over het aangaan en beëindigen van de overeenkomst.

Rechtspraak bij dit artikel