Wij leggen een boete op als de inburgeringsplichtige de afspraken in het PIP tijdens het inburgeringstraject door eigen toedoen (verwijtbaar) niet of onvoldoende nakomt.
Voor inburgeringsplichtigen gaat het om de volgende verplichtingen:
deelnemen aan de voortgangsgesprekken;
deelnemen aan de activiteiten in het kader van de MAP en het PVT.
Wij leggen de asielstatushouder een boete op als hij of zij door eigen toedoen (verwijtbaar) niet of onvoldoende deelneemt aan de activiteiten van de gekozen leerroute.
Voordat wij een boete opleggen, wordt onderzocht waarom de afspraken in het PIP of de afspraken over de activiteiten bij de gekozen leerroute niet zijn nagekomen. De inburgeringsplichtige krijgt in een gesprek hierover de mogelijkheid een uitleg te geven.
Wanneer de inburgeringsplichtige niet verschijnt bij dit gesprek, bieden wij hem of haar de mogelijkheid zijn of haar reactie binnen tien werkdagen per brief kenbaar te maken. Hierbij volgen wij de procedure van artikel 5:50 Algemene wet bestuursrecht.
Op basis van het gesprek met de inburgeringsplichtige, dan wel zijn of haar schriftelijke reactie, bepalen wij of de inburgeringsplichtige er iets aan had kunnen doen (de mate van verwijtbaarheid).
Wij stemmen de hoogte van de boete, met inachtneming van artikel 7.1, tweede tot en met vijfde lid, van het Besluit, af op de mate waarop er sprake is van:
opzet; of
grove schuld; of
als de inburgeringsplichtige er iets aan had kunnen doen (normale verwijtbaarheid of verminderde verwijtbaarheid).
Wij leggen geen boete op wanneer aannemelijk is dat de inburgeringsplichtige er niets aan kan doen (iedere verwijtbaarheid ontbreekt).
Wij registreren de boete in het ISI.
Artikel 17.
Handhaving tijdens het inburgeringstraject
Onderdeel van Beleidsregels inburgering gemeente Dronten 2022