Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3

Budgethouderschap

Onderdeel van Regeling budgethouderschap Nieuwegein 2022

1.. De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de begroting wordt door het college opgedragen aan de hoofdbudgethouder. 2.. De hoofdbudgethouder is eindverantwoordelijk voor de beheersing van het geheel aan budgetten op organisatieniveau. 3.. De directie draagt de uitvoering van begrotingsonderdelen op aan een primair budgethouder. 4.. De primair budgethouder is verantwoordelijk voor voortgangs- en budgetbewaking en rapporteert, conform de Planning en Control cyclus, aan de directie en college over de budgetten die aan hem/haar zijn toegewezen. 5.. De primair budgethouder is kan wijzigingen voorstellen aan de hem/haar toegewezen budgetten; 6.. De directie of een primair budgethouder kunnen als opdrachtgever een functionaris zoals bijvoorbeeld een programmamanager, een projectleider of een projectmanager een budget toewijzen. 7.. De bevoegdheden van hoofd, primair en gewoon budgethouders worden gelimiteerd conform de bedragen opgenomen in bijlage 1. 8.. De verdeling van bevoegdheden wordt op budgethouderniveau vastgelegd in de administratie. Jaarlijks wordt deze verdeling geactualiseerd bij het opstellen van de begroting. 9.. Als een budget wordt overschreden of onderschreden informeert de budgethouder de primair budgethouder over de stand van de budgetten en de primair budgethouder informeert de hoofdbudgethouder. De primair budgethouder is verantwoordelijk voor het adequaat informeren van de directie en het college van B&W over de budgetten van diens afdeling. De hoofdbudgethouder is eindverantwoordelijk voor de verantwoordingsstructuur en het afleggen van verantwoording op organisatieniveau. 10.. Controle op de uitvoering en werking van deze regeling vindt plaats via jaarlijkse steekproeven van facturen conform een daartoe opgesteld controleplan.

Rechtspraak bij dit artikel