Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Innen van de eigen bijdragen voor de opvang

Onderdeel van Nadere regel Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Utrecht 2022, eigen bijdrage opvang

De instellingen innen de eigen bijdragen bij hun cliënten met in achtneming van het bepaalde in deze Nadere regels, tenzij het college in de verleningsbeschikking aan de instelling of anderszins hiervan nadrukkelijk afwijkt. De instellingen verlenen opvang aan cliënten, die zich tegenover hen verplichten tot het betalen van de in deze Nadere regel bepaalde eigen bijdrage. De instellingen zijn verplicht de vastgestelde bijdrage van de cliënten te innen, uitgezonderd bijzondere regelingen zoals de koudweerregeling. De instellingen mogen de bijdrage die zij innen splitsen in specifieke onderdelen, als dit voor hen van belang is. De totale eigen bijdrage per cliënt mag hierdoor niet wijzigen. Indien een cliënt zich niet heeft verzekerd tegen ziektekosten dan wel als een cliënt de premie zorgverzekering niet of niet tijdig heeft betaald, kan de instelling de te innen eigen bijdrage verhogen met de norm voor de zorgverzekering, zoals gehanteerd bij het bepalen van de norm persoonlijke uitgaven. De verschuldigde eigen bijdrage blijft gelijk, de instelling stelt het extra geïnde bedrag later weer ter beschikking van de cliënt voor de betaling van de achterstallige premie van de zorgverzekering. Bij cliënten jonger dan 21 jaar kan de instelling maandelijks maximaal €50 extra innen bovenop de eigen bijdrage, mits zij dit bedrag apart zet voor de cliënt. Dit extra ingehouden spaarbedrag wordt uitgekeerd aan de cliënt bij de uitstroom naar zelfstandig wonen. Bij het bepalen van het benodigde bedrag voor de instellingen wordt vooraf de verwachte te innen bijdrage door de instelling in mindering gebracht op het bedrag. De instelling mag daarbij de redelijke kosten van administratie, incasso en oninbaarheid in mindering brengen, waarbij maximaal 5% van het totale te innen bedrag voldoende is. Het college kan op grond van redelijkheid en billijkheid in uitzonderingsgevallen afwijken van het bepaalde in dit lid.

Rechtspraak bij dit artikel