- - Hij die ophoudt wethouder te zijn heeft, tenzij hij zonder onderbreking weer als zodanig optreedt, met ingang van de dag van aftreding, voor zover hij alsdan niet de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt, recht op een uitkering op de voet van de volgende artikelen.
- - De raad kan beslissen dat geen uitkering wordt toegekend aan een gewezen wethouder:
- - die zich in vreemde krijgsdienst of in vreemde overheidsdienst heeft begeven en naar zijn oordeel zich daardoor uit Nederlands nationaal oogpunt beschouwd onwaardig heeft gedragen;
- - die wegens enig strafbaar feit is veroordeeld waaruit naar zijn oordeel blijkt dat hij zich uit Nederlands nationaal oogpunt beschouwd onwaardig heeft gedragen;
- - die overeenkomstig artikel X8 van de Kieswet van het lidmaatschap van de raad vervallen verklaard is;
- - wiens ontslag voortvloeit uit het feit dat hij zich aan kennelijk wangedrag of grove verwaarlozing van zijn taak heeft schuldig gemaakt. Onder grove verwaarlozing van zijn taak wordt begrepen het zonder genoegzame grond weigeren de in artikel 169 Gemeentewet bedoelde inlichtingen aan de raad te verstrekken.
Hoofdstuk
Artikel 1 Uitkerings- en pensioenverordening wethouders van Leusden
Het recht op uitkering
Onderdeel van Uitkerings- en pensioenverordening wethouders van Leusden
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
Houd art. 1 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon