• - Bij een aanvraag van een vergunning als bedoeld in artikel 21 worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
  • - naam (of namen) van de eigenaar(s)
  • - adres van de eigenaar
  • - adres van de woonruimte waarvoor de vergunning wordt aangevraagd
  • - bewijs van eigendom van de woonruimte
  • - meest recente WOZ-waarde woonruimte
  • - omvang van het huishouden dat de woonruimte gaat betrekken;
  • - adres, naam van de gebruiker/huurder en huurprijs van de te betrekken woonruimte;
  • - beoogde datum van het betrekken van de woonruimte;
  • - In het geval dat een aanvraag ziet op de verleningsgrond als bedoeld in artikel 21, tweede lid, onderdeel a worden nadere bescheiden aangeleverd waar het bloed- of aanverwantschap in de eerste of tweede graad van de woningzoekende met de eigenaar uit blijkt;
  • - In het geval dat een aanvraag ziet op verleningsgrond als bedoeld in artikel 21, tweede lid, onderdeel b wordt een schriftelijke overeenkomst waaruit blijkt dat de woonruimte voor een termijn van ten hoogste twaalf maanden, anders van voor toeristische verhuur, in gebruik wordt gegeven, mede aangeleverd.
  • - In het geval dat een aanvraag ziet op de verleningsgrond als bedoeld in artikel 21, tweede lid, onderdeel c worden nadere bescheiden aangeleverd waaruit blijkt dat de woonruimte onlosmakelijk deel uitmaakt van een winkel-, kantoor of bedrijfsruimte.
  • - Burgemeester en wethouders kunnen het overleggen van andere bescheiden verlangen, die zij voor de beoordeling van de aanvraag nodig achten.