Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Hoofdregel capaciteitseis fietsparkeren

Onderdeel van Beleidsregel parkeernormen fiets 2021 gemeente Utrecht

Bouwontwikkelingen voldoen aan de capaciteitseis fietsparkeren en voorzien daarmee in voldoende parkeergelegenheid voor de fiets. De capaciteitseis fietsparkeren bij een bouwontwikkeling is de optelsom van de capaciteitseisen van de afzonderlijke functies en wordt berekend door de omvang en de bijbehorende parkeernorm, zoals opgenomen in de tabel Parkeernormen fiets in de bijlage Parkeernormentabellen, met elkaar te vermenigvuldigen. De parkeernormen zijn afhankelijk van de locatie. De fietsparkeernormen vormen uitsluitend de minimumnorm. Er geldt geen maximumnorm. Als de tabel Parkeernormen fiets voor een bepaalde functie geen parkeernorm bevat dan bepaalt het college deze norm aan de hand van het parkeerkencijfer voor een vergelijkbare functie van de gemeente of het CROW, praktijkervaring of expert judgement. Bij ruimtelijke ontwikkelingen waarbij de bouwontwikkeling niet bepalend is voor de capaciteitseis, wordt de parkeereis bepaald op basis van de omvang van de te ontwikkelen niet-gebouwde gebruiksfunctie. Indien door de gemeenteraad het besluit is genomen om in een bepaald gebied (blok) betaald parkeren in te voeren of de zone-aanduiding A, B of C te wijzigen in of vóór een bepaald jaar, dan mag daar vanuit worden gegaan bij de onderbouwing van bouwplannen.

Rechtspraak bij dit artikel