Bij een bouwontwikkeling geldt als uitgangspunt dat alleen hoeft te worden voorzien in de extra parkeerbehoefte die deze veroorzaakt, de parkeereis fietsparkeren.
Bij nieuwbouw is de capaciteitseis de parkeereis fietsparkeren.
Bij sloop/nieuwbouw of gebruikswijziging is de fietsparkeereis de capaciteitseis van de nieuwe bouwontwikkeling minus de capaciteitseis van de bestaande bouw plus het aantal fietsparkeerplaatsen dat wordt opgeheven in het kader van de bouwontwikkeling.
De capaciteitseis bestaande bouw wordt berekend op basis van de laatste legale functie van die bestaande bouw vermenigvuldigd met de geldende parkeernorm zoals opgenomen in de tabel Parkeernormen Fiets in bijlage Parkeernormentabellen.
Er geldt alleen een capaciteitseis bestaande bouw als bedoeld in lid 3 en 4 wanneer bij de start van de ontwikkeling de laatste legale functie nog bestaat of niet langer dan 7 jaar geleden is beëindigd. Als start van de ontwikkeling geldt het moment van vaststellen van het startdocument voor de nieuwe ontwikkeling door het college of, indien er geen startdocument is vastgesteld, het moment van het indienen van de aanvraag omgevingsvergunning
In afwijking van lid 4 geldt bij herontwikkeling binnen tien jaar na ingebruikname dat het aantal parkeerplaatsen dat wordt toegerekend aan de bestaande situatie niet hoger is dan bij de oorspronkelijke ontwikkeling
Het college kan medewerking wijziging of afwijking van het omgevingsplan voor een plan waar op basis van lid 3 van dit artikel of gelet op de bepalingen van het Besluit Bouwwerken Leefomgeving weinig of geen extra fietsparkeerplaatsen worden aangelegd in een gebied met bestaande fietsparkeeroverlast, als de fietsparkeeroverlast als gevolg van het plan significant toeneemt
Hoofdstuk 2
Artikel 5
Capaciteitseis fietsparkeren en fietsparkeereis
Onderdeel van Beleidsregel parkeernormen fiets 2021 gemeente Utrecht