De belasting als bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt geheven naar de volgende grondslagen die naast elkaar verschuldigd zijn, te weten:

-

  • - een vast bedrag per perceel, en;
  • - een vast bedrag per perceel voor elke container van een soort boven de eerste, en;
  • - een vast bedrag per soort container per aanbieding, en;
  • - een vast bedrag per inworp in een ondergrondse verzamelcontainer, en;
  • - een vast bedrag per vervanging van een container voor een container van een andere maat, en;
  • - een vast bedrag per vervanging van een container voor een van dezelfde maat, en;
  • - een vast bedrag per vervanging van een afvalpas (voor ondergrondse verzamelcontainer) of sleutel (voor een bovengrondse verzamelcontainer) en;
  • - een vast bedrag per perceel voor een aan meerdere individuele percelen verstrekte rolcontainer en;
  • - een vast bedrag per perceel per container voor een per individueel perceel verstrekte rolcontainer en;
  • - bedragen voor het op aanvraag inzamelen van grof huishoudelijk restafval en;
  • - bedragen voor het op aanvraag inzamelen van grof tuinafval en;
  • - bedragen voor het achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen op een milieustation;

    een en ander naar de maatstaven en tarieven zoals opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • - Het recht als bedoeld in artikel 4, tweede lid, wordt geheven op grond van de volgende grondslag: een vast bedrag per inworp van bedrijfsafval in een ondergrondse verzamelcontainer, een en ander naar de maatstaf en het tarief zoals opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
  • - Voor de berekening van het recht wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.