Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.1

Toekomstige ontwikkelingen mobiliteit

Onderdeel van Gemeentelijk Beleidsplan Verkeer en Vervoer Eijsden-Margraten

De mobiliteit die we vandaag de dag kennen verandert razendsnel. Innovatie op het gebied van mobiliteit is ook noodzakelijk om de grote maatschappelijke opgaven zoals verstedelijking, vervoersarmoede, de toenemende druk op het wegennet en het waarborgen van de luchtkwaliteit te kunnen aanpakken. Er is nog veel onduidelijkheid over hoe de toekomst van mobiliteit er exact uit gaat zien. De meeste onderzoeksinstituten, ontwikkelaars en experts zijn het in ieder geval met elkaar eens dat er drie hoofdontwikkelingen op het gebeid van mobiliteit samenkomen: de verduurzaming van de automobiliteit, een verschuiving van bezit naar gebruik van vervoermiddelen (deelvervoer, deelgebruik) en de ontwikkeling van zelfrijdende en communicerende voertuigen. Verduurzaming automobiliteit De verduurzaming van de automobiliteit is een ontwikkeling die als noodzakelijk wordt gezien door de Nederlandse politiek. Nederland committeert zich aan de Europese doelstelling om in 2030 de CO2 emissies met 40% te reduceren en in 2050 met 80 tot 95% ten opzichte van 1990. De Sociaal Economische Raad (SER) heeft in haar Energieakkoord deze doelstelling van de Europese Unie overgenomen. Voor de sector verkeer en vervoer geldt binnen dit akkoord een specifiek opgave van 17% CO2 reductie in 2030 en 60% in 2050 ten opzichte van 1990. Figuur 1 CO2-uitstoot van Nederlands verkeer 2 https://kpvvdashboard.blogspot.com/ Zoals in bovenstaand figuur is af te lezen, is de CO2-uitstoot sinds 2007 al afgenomen in het Nederlands verkeer. Dit is echter nog niet voldoende in het licht van de doelstelling van de SER. Een van de ontwikkelingen ten aanzien van verduurzaming van automobiliteit die in de afgelopen jaren sterk naar voren is gekomen, is de toename van het aantal elektrische auto’s. Er is een sterke toename te zien in zowel de hybride als volledig elektrische auto’s, waarbij de volledig elektrische auto de laatste paar jaar meer terrein wint. Figuur 2 Aantal elektrische auto’s in Nederland per jaar 3 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2019/19/aantal-volledig-elektrische-auto-s-verdubbeld De Rijksoverheid heeft de afgelopen jaren stimulerend beleid gevoerd voor elektrisch rijden. Dit is terug te zien in de toename van het aantal elektrische auto’s, al is nog slechts 1,7 %4 https://klimaatmonitor.databank.nl/dashboard/dashboard/mobiliteit/ van het totaal aantal personenauto’s in Nederland elektrisch. Maar er vinden ook ontwikkelingen plaats op het gebied van waterstofauto’s, al blijft deze nog wat achter. In 2019 reden in Nederland ca. 35.000 elektrische auto’s terwijl het volledige wagenpark waterstof slechts uit 1885 https://opwegmetwaterstof.nl/2019/02/18/hoeveel-waterstofautos-er-nederland/ auto’s bestond. Beide technologieën hebben zowel positieve als negatieve eigenschappen. Elektrisch rijden is bijvoorbeeld niet altijd een mogelijkheid voor zwaardere voertuigen of in heuvelachtig gebied. Waterstof biedt hiervoor meer kansen. Zo heeft Hyundai in 2019 een vrachtwagen op waterstof gepresenteerd. Welk duurzaam alternatief voor de brandstofauto in de toekomst de overhand gaat krijgen, is nog onduidelijk. Maar een ding staat vast, de verduurzaming van de automobiliteit is volop in gang. Deelmobiliteit Een andere trend op het gebied van mobiliteit is de verschuiving van vervoermiddelbezit naar vervoermiddelgebruik waarmee flexibel reizen mogelijk wordt gemaakt. Deze trend van deeleconomie is breed zichtbaar in de maatschappij, denk aan diensten als Spotify, Airbnb en Netflix. Op een vergelijkbare manier maken reizigers ook meer flexibel gebruik van mobiliteit waardoor het bezit van een eigen voertuig niet meer noodzakelijk is. Zo is ook het aantal deelauto’s in de afgelopen jaren sterk toegenomen, al is dit aantal (met circa 50.000 deelauto’s) op het totale wegennet nog beperkt. Als gevolg van deze ontwikkeling van deeleconomie zien we de transitie van een verkeerssysteem dat gericht is op verschillende, losstaande modaliteiten (auto, fiets, openbaar vervoer) naar een meer integraal mobiliteitssysteem waarbij meerdere modaliteiten gebruikt worden door een reiziger. Hierdoor ontstaat er meer flexibiliteit en keuzemogelijkheden voor de reiziger. Een term die hier vaak bij wordt genoemd is Mobility as a Service (MaaS). MaaS staat voor een mobiliteitsconcept waarbij de reiziger gebruik maakt van verschillende vervoersmodaliteiten via één digitaal platform (smartphone). De reiziger hoeft zich daarbij niet meer druk te maken over verschillende reserverings- en betaalsystemen. Via het digitale platform maakt de reiziger via deelsystemen en hubs gebruik van verschillende vervoersmodaliteiten om van A naar B te komen. In gebieden met een lagere bevolkingsdichtheid zoals de gemeente Eijsden-Margraten, moeten inwoners vaak wat langere afstanden afleggen om voorzieningen te bereiken. Ook is het reguliere busvervoer niet overal in het gebied beschikbaar. Iedere inwoner wil of moet zich kunnen verplaatsen voor werk, studie, recreatieve doeleinden en andere dagelijkse activiteiten. Mobiliteit stelt ons in staat om actief deel te nemen aan de samenleving. De transitie naar flexibel reizen biedt ook in de meer landelijk gelegen gebieden mogelijkheden en kansen. Door het gebruik van deelsystemen in combinatie met MaaS wordt de bereikbaarheid vergroot. Zelfrijdende en communicerende voertuigen De derde trend op het gebied van mobiliteit is de ontwikkeling van zelfrijdende en communicerende voertuigen. De ontwikkeling van deze voertuigen is tweeledig. Enerzijds van voertuigen die geheel zelfstandig kunnen rijden, anderzijds dat voertuigen met elkaar en de infrastructuur communiceren. Tegenwoordig rijden al op diverse plekken in Nederland zelfrijdende voertuigen. Verschillende gemeenten, ziekenhuizen of instituten zetten een zelfrijdend voertuig in op specifieke trajecten. Deze ontwikkelingen zijn echter zo klein dat zij nog geen effect hebben voor het gehele mobiliteitssysteem. Wanneer deze technologie verder wordt ontwikkeld en de combinatie tussen zelfrijdende en communicerende voertuigen veelvuldig op de weg rijdt, is dit van grote invloed op het mobiliteitssysteem. Zeker als zelfrijdende voertuigen gecombineerd worden met de hiervoor beschreven ontwikkeling van deelmobiliteit biedt dit kansen voor de mobiliteit in steden, kernen en landelijk gebied. Binnenstedelijk kunnen parkeerplaatsen worden vrijgemaakt voor groenvoorzieningen of andere ontwikkelingen doordat voertuigen niet meer in de toch al drukke stad hoeven te parkeren. In het landelijk gebied wordt de bereikbaarheid vergroot doordat ook buitengebieden goed bereikbaar blijven en inwoners een auto kunnen oproepen wanneer ze deze nodig hebben. De verwachting is dat de implementatie van zelfrijdende voertuigen als eerste zal plaatsvinden op het hoofdwegennet. Dit is ook waar Advanced Driver Assistance Systems (ADAS) hun eerste intrede hebben gemaakt. Door de uniforme en vaak minder complexe infrastructuur biedt dit kansen voor deze technologie. De eerste stappen met deze systemen zijn gemaakt. Om tot een systeem te komen waarbij alle voertuigen zelfrijdend en communicerend zijn, zijn nog de nodige ontwikkelingen nodig. Uit de inventarisatie van de verschillende relevante opgaven en kaders komt duidelijk naar voren dat mobiliteit geen beleidsveld is dat op zichzelf staat. Mobiliteit is in veel gevallen een belangrijke voorwaarde om andere ontwikkelingen mogelijk te maken. Maar mobiliteit kan ook sturend zijn bij bepaalde opgaven. Zoals in hoofdstuk 1 is aangegeven, is het Beleidsplan Verkeer en Vervoer ook een bouwsteen voor de Omgevingsvisie. Het houdt daarom zoveel mogelijk rekening met de diverse opgaven en kansen die in de gemeente en in Zuid-Limburg spelen. Uit de inventarisatie van de kaders blijkt ook duidelijk dat de gemeente haar partners nodig heeft om gezamenlijke ambities waar te maken.

Rechtspraak bij dit artikel